11-11-08
De WS78 Maasduinen/Maasheggentocht vanuit Boxmeer
| | De WS78 Maasduinen/Maasheggentocht vanuit Boxmeer |

Op zaterdag 8 november 2008 organiseerde WS78 de Maasduinen/Maasheggentocht. De start was vanuit Hotel café Restaurant ’t Vertrek te Boxmeer. Toen wij even na half negen arriveerden, was het al een drukte van jewelste. De startlocatie was aan de kleine kant en daarom stonden al talrijke wandelaars buiten. Rond 10 minuten over half negen konden de wandelaars vertrekken. Wij konden niet meteen vertrekken, want bij de inschrijftafel stonden lange rijen. Coos, die altijd ook voor mij inschrijft, stond maar liefst een kwartier in de rij. Maar om vijf minuten voor negen konden ook wij vertrekken.
We liepen eerst door het centrum van Boxmeer en kwamen onder andere langs de Sint Petrusbasiliek, het karmelietenklooster en het Maasziekenhuis. Ook kwamen we door de Steenstraat. Dit is een van de oudste straten van Boxmeer.
Bij het Maasziekenhuis verlieten we de bebouwde kom en volgden even de route naar kasteel Boxmeer. Op een splitsing verlieten we de route naar het kasteel omdat de wandelroute zuidwaarts liep en het kasteel noorderlijker lag. Kasteel BoxmeerHet kasteel van Jan Boc, waaraan Boxmeer zijn naam dankt, is het belangrijkste historische monument van Boxmeer. Op deze locatie, een door mensenhand aangelegde verhoging in het zicht van de Maas, bevond zich in de Romeinse tijd al een versterkte vesting of castellum. In de loop van de geschiedenis (13e-18e eeuw) is het Kasteel regelmatig belegerd door veldheren die er na de inname vaak plezier in hadden om het bouwwerk tot de laatste steen toe af te breken. In 1806 kocht jonker Leopold van Sasse van Ysselt het kasteel en sloopte het op één vleugel na, zodat vrijwel alleen het monumentale trappenhuis en woonvertrekken in classicistische stijl overbleven. In 1896 werd het kasteel gekocht door de zusters van Julie Postel en ingericht als ziekenhuis. Sinds 1966 is het ziekenhuis in gebruik als gastenverblijf van de Congregatie. In de kelder bevindt zich een museum waar een levendig beeld wordt geschetst van de geschiedenis van het kasteel en zijn bewoners.
We liepen hier op korte afstand langs de Maas. Aan onze rechterhand hadden we uitzicht op mooi omgeploegde akkers. De route liep naar de stuw en de sluizen nabij Sambeek. Hoewel de route er niet vlak langs liep, waren wij natuurlijk vrij om dat wel te doen.De sluis bij Sambeek wordt gemoderniseerd zodat deze geschikt wordt voor grotere en langere schepen op de Maas. De vaarweg wordt geschikt gemaakt voor schepen met een lengte van 190 m, een breedte van 11,4 m en een diepgang van 3,5 m. De werkzaamheden starten medio 2010 en is naar verwachting in de zomer van 2013 klaar.We sloegen op een gegeven moment scherp LA een zandpad op. Een wandelaar had het pad over het hoofd gezien en kwam teruggelopen. We troffen hier geel/rode markeringen van het Maas-Peelliniepad.Het Maas- en Peelliniepad is een streekpad in het noordoosten van Noord-Brabant: het Land van Cuijk. Dit gebied kenmerkt zich door bossen, heidegebieden, vennen, rivieren, uiterwaarden en (vesting)stadjes. Vele monumenten en andere ‘sporen van de oorlog’ herinneren aan de tijden waarin deze streek in de verdedigingslinie heeft gelegen. Het is een rondwandeling en komt door de plaatsen Cuijk en Boxmeer en is 122 km lang.
Langs bosgebied Vortumse Bergen werd het veer nabij Afferden bereikt. We kwamen hier wit/rode markeringen tegen van het Pieterpad en de NS wandeltocht Maasheggen, die van station Boxmeer naar station Vierlingsbeek loopt.De ‘Groeningsche en Vortumsche Bergen’ zijn kleine stuifzandruggen of rivierduinen, die al zijn ontstaan in de prehistorie (zesduizend jaar geleden). In droge perioden nam de wind het zand uit de rivierbedding van de Maas mee. Het zand werd opgevangen en vastgezet door planten die op deze plek stonden. Zo ontstonden er op den duur rivierduinen. Het zand was echter niet vruchtbaar, dus boeren lieten er ter beschutting en voor hakhout bomen op groeien. Op deze manier zijn hier prachtige bossen ontstaan, met bomen van wel enkele honderden jaren oud. Bij hoog water dienden deze ‘bergen’ als toevluchtsoord voor dieren. Meteen na de overtocht over de Maas kwamen we door het centrum van Afferden. Boven de ingang van een supermarkt trok een muurschildering onze aandacht. Buiten het centrum van Afferden kwamen we door een park met een grote vijver.Even voor de soeppost kwamen we nog langs een huis waar op een groot bord de volgende tekst was geschreven: “Ha die wandelaars. Hier kunt u ff lekker zitten en genieten van koffie, thee, chocomel, appelgebak (zelfgemaakt) en zelfgemaakte soep. Getekend Anja en Wim”. Het bord was tevens voorzien van een wit/rode stikker “wandelaars welkom”. Achter de voorruit hing een bordje “gesloten”. Het was dus niet voor ons opgehangen. Op 11 km was dan de soeppost.
Nu kwam wel het hoogtepunt van deze tocht met natuurgebied Maasduinen. Het was hier heuvelachtig met veel heide en vennetjes en vergezichten. We zagen hier twee keer Schotse Hooglanders. De eerste keer zagen we ze vanaf één van de toppen waarover ons pad voerde. De tweede keer vielen ze bijna niet op. Hier waren het nog jonge beesten en lagen pal langs het pad. Er was hier niemand die de geadviseerde afstand van 25 meter in acht hield om deze dieren te passeren. Ze lagen er hier ook echt vredelievend bij alsof het poesjes waren.In het noordelijkste puntje van Limburg liggen De Maasduinen. Ingeklemd tussen rivier de Maas en de Duitse grens. Het is een glooiend lint van bossen, heidevelden en stuifzanden. Daartussen blinken tientallen vennen, groot en klein. Natuurliefhebbers zullen versteld staan van de rijkdom aan planten en dieren. Er wachten verrassend steile klimmetjes. Maar ook prachtige vergezichten.Je zou het niet meteen denken, maar Limburg heeft duinen. Rivierduinen wel te verstaan. Met dank aan de rivier de Maas. Ze zijn goed te zien in het Bergerbos. Overal golft het landschap. En plots duikt er een flinke heuvel op. Het Bergerbos is deel van het Nationaal Park de Maasduinen. Vrijwel ononderbroken strekt deze groene gordel zich uit langs de Maas. Het is een bonte schakering van bossen, stuifzanden en heidevelden.
Bijzonder zijn de vele vennen. Ze hebben prachtige namen, zoals het Zevenboomsven en de Duuvelskuul. Vroeger lag er hoogveen. Wegzakken in dit moeras betekende een wisse dood. Bij de vennen wemelt het van de libellen en waterjuffers. In de schemering jagen de vleermuizen. In de herfst vliegen tientallen kraanvogels over de Maasduinen. Ze strijken soms neer op het Reindersmeer. Of op de moerassige velden rond het Heerenven, bij de buren van het Limburgs Landschap. De kraanvogel is heel zeldzaam in Nederland. Het nationaal park is dan ook trots op deze gasten.
Nabij buurtschap Blijenbeek verlieten we natuurgebied Maasduinen en kwamen hier langs de ruïne van kasteel Bleijenbeek. We bleven maar van de omgeving genieten. Dit kwam mede door het onvoorstelbaar mooie zonnige weer. De maximumtemperatuur liep soms wel op naar 16 graden uit de wind en in het zonnetje. De grote rust was in Sporthal Den Asseldonk te Nieuw-BergenVlak voor de grote rust zagen we dat de wandelaars na de rust ons weer tegemoet liepen. Coos en ik liepen toen samen. Coos had toen problemen met haar voeten/schoenen. Ik stelde haar toen voor om in de cafetaria, dat vlak voor de grote rust lag, en pal aan de route lag, te rusten. Want dat scheelde weer een stukje lopen en het was er rustig. Bij een cafetaria hadden we al eerder wandelaars zien zitten. De grote rust lag deze dag pas op 25 km.
We verlieten Nieuw-Bergen weer. Op weg naar het veer bij Vierlingsbeek kwamen we door Bergen met de grote Sint Petruskerk. Aan de overkant van de Maas stond een grote boerderij met een mooi toegangspoortje en een gevelsteen boven de voordeur. Aan een muur van de omheining waren extreme waterstanden uit het verleden aangegeven. Toen we het bord van de bebouwde kom van Vierlingsbeek passeerden, stond daar ook de carnavalsnaam vermeld. Deze luidde Keieschietersriek. Want de elfde van de elfde kwam met rasse schreden naderbij. We betraden het centrum van Vierlingsbeek niet, maar liepen er langs de oostkant langs. Over lage afscheidingsstruiken zagen we een oranje kleurige koe staan. Voor de begraafplaats sloegen we af en verlieten Vierlingsbeek.
Nu zetten we opnieuw koers naar de Maas. Daar kwam net een grote boot aangevaren met de naam Jan Wandelaar. Jan Wandelaar hadden we al eens eerder tijdens een wandeling gezien. Dat was op zaterdag 17 mei 1997 tijdens de Kennedymars uit Hilversum van de LAT. Het schip Jan Wandelaar is in 1984 bij de Noord in Alblasserdam gebouwd als motortankschip met de naam Majestic. In 1990 is het 3 keer van naam veranderd. Eerst werd de naam Anouk, daarna Calanda en tenslotte Jan wandelaar. Het schip is nu in eigendom van Scheldetrans AG in Basel.We verlieten de Maas weer en kwamen daarop door bosgebied Groeningse Bergen. Na de Zoetepasweiden, een gras- en weilanden gebied, werd opnieuw een bosgebied bereikt en doorkruist. Ditmaal was dat natuurgebied de Vortumse Bergen. We herkenden hier een traject dat we ’s-ochtends ook al als heenroute hadden bewandeld. Niet iedereen zal dit gemerkt hebben.De Zoete- en ZurepasweidenOm de zandige Groeningsche en Vortumsche Bergen heen liggen lagere rivierkleigronden. De kalkrijke rivierklei werd afgezet tijdens de veelvuldige overstromingen van de Maas. Deze vruchtbare gronden werden in gebruik genomen als weiden en hooiland. Het woord ‘pas’ is streektaal voor wei. ‘Zoet’ staat voor een bodem met veel kalk. Vandaar de naam ‘Zoetepas’. Aan de westzijde van de bergen is de bodem kalkloos of zuur. Daarom heet dit gebied ‘Zurepas’.Nu zetten we koers naar Vortum-Mullem en voorbij het centrum werd op 34 km de koffiepost bereikt. Deze was achter een woonhuis gelegen in een groot tuinhuis aan een forellenvisvijver. We troffen het, dat er net een paar stoelen met leuning vrij kwamen. We konden hier uit de wind zitten. Vortum-Mullem ontstond in 1942 door de samenvoeging van de plaatsen Vortum en Mullem. Vortum, dat 'nederzetting bij een doorwaadbare plek' betekent en Mullem, 'dorp bij de molen', zijn sindsdien naar elkaar toegegroeid en vormen nu een onbetwiste eenheid. Eenmaal per jaar mag het dorp zich even het middelpunt van de gemeente Boxmeer noemen. Op carnavalsmaandag vinden hier namelijk de Boxmeerse Metworstrennen plaats.
Deze Boxmeerse paardenrace wordt al zeker meer dan 250 jaar gehouden, hoewel sommigen zelfs menen dat de traditie veel ouder is en rechtstreeks voortkomt uit een oud Germaans vruchtbaarheidsritueel. De regels zijn streng: alleen in Boxmeer geboren en getogen vrijgezellen, die bovendien lid zijn van de 'Instelling der Tijdelijck Jonggesellen van Boxmeer' mogen deelnemen aan strijd om de felbegeerde titel van 'Koning van de Metworst'. Behalve deze eretitel ontvangt de winnaar in de zogenaamde Belaste Hoeve ook nog een zeven ellen lange metworst, twee wittebroden, twee vaten bier en een halve varkenskop.
We troffen hier één van de uitzetters van deze tocht. We feliciteerden hem met de prachtige creatie van deze tocht. We maakten hier nog een foto van een dame met een rode hoofdband op. We feliciteerden haar met het behalen van haar 20e gouden Euraudax-arend dit jaar. Want alleen in Nederland worden geen Euraudax wandeltochten meer georganiseerd, maar wel in België. En als je bijvoorbeeld in Eindhoven woont dan is een reis naar België makkelijker gemaakt dan als je in Amsterdam of Groningen woont. We verlieten Vortum-Mullem weer en zetten koers naar de spoorlijn Nijmegen-Roermond. Hier liepen we eerst langs de spoorlijn. We hadden hier uitzicht op de 50 meter hoge Sint Janstoren te Sambeek. Later staken we de spoorlijn over en liepen daarna enigszins parallel aan de spoorlijn richting Boxmeer. In buurtschap Heikant was nog de fruitpost op 38 km. Hier kregen we een banaan. Twee jonge kinderen hielpen hier ijverig mee. De totale afstand bedroeg 40,670 km. Het IVV-nummer was 11362.
Bij de finish kon ik Coos feliciteren met het behalen van haar 11.000 WS78 km’s. Dat betekent dus dat zij 275 maal aan een WS78 wandeltocht van 40 km had meegedaan. Haar eerste tocht bij WS78 was op 6 december 1980 vanuit Soest-Zuid. Ik loop momenteel 5 tochten achter bij Coos en kan op zijn vroegst in februari 2009 de 11.000 WS km’s halen.
Toen we ’s-ochtend om vijf minuten voor negen waren vertrokken, kwam bestuurslid Gerrie van de Brink net aangereden. Na afloop troffen we haar nog steeds bij de finish.
Bij de finish werden we nog aangesproken door wandelvrienden uit Groningen, Friesland en Drenthe. Nadat we het nieuws van de FLAL-tocht vanuit Nieuweschans hadden vernomen, die niet geheel vlekkeloos was verlopen, vroeg één van hen het volgende: Ik heb van een wandelvriendin gehoord dat Quirinus een verslag heeft geschreven van de WS78 tocht vanuit Lelystad. Zij vroeg toen aan haar wandelvriendin waar ze de link naar de website van Quirinus kan vinden. Het antwoord luidde: op de website henrifloor.nl. Ja die website ken ik wel, maar er staan zoveel links op. Ik kan de link niet vinden. Daarom zal ik, speciaal voor hen, aangeven waar ik deze en andere links van wandelaars op mijn website heb staan: Kies na www.henrifloor.nl voor “links”. Kies vervolgens “Wandellinks” en daarna voor “links particulieren”.
De heenreis per trein was deze keer geen onverdeeld succes. Met de trein reden we via Arnhem en Nijmegen naar Boxmeer. In Arnhem hadden we 6 minuten overstaptijd. We zouden volgens dienstregeling aankomen op spoor 7 en de trein naar Nijmegen zou dan van spoor 4 vertrekken. Maar we kwamen op spoor 4 aan. En in de trein werd omgeroepen, dat Arnhem voor die trein het eindstation was. We waren al voorin de trein gaan zitten zodat we snel bij de trap waren. Bovengekomen vroegen we bij de infobalie van welk spoor de trein naar Nijmegen vertrok. Alsof we een zee van tijd hadden werd op een slome manier meegedeeld dat de trein van spoor 4 vertrok en dat de trein nog moest binnenkomen. Toch liepen we snel weer naar spoor 4 en op het vertrekbord stond inderdaad vermeld dat de trein, die daar stond en waar we uitgekomen waren, naar Nijmegen zou rijden. We klampten een conducteur aan om nog extra zekerheid te krijgen en hij bevestigde dat die trein toch naar Nijmegen zou rijden. Toen we goed en wel zaten werd er via de omroepinstallatie op het station omgeroepen dat de trein naar Nijmegen van spoor 9 zou vertrekken. We holden zo snel als we konden naar spoor 9 en haalden de trein nog. Een andere wandelaar, die niet naar de omroepinstallatie had geluisterd, werd later geconfronteerd met de mededeling of iedereen de trein wilde verlaten. Hij had daardoor een vertraging van een half uur.Henri Floor |
21:59
Gepost door gandalf
in Vrije tijd |
Permalink
| Commentaren (1)
| Email dit
| Tags: ws78, ws 78, boxmeer, henri |
Facebook
|
Jubileum Slottocht 100 jaar KNBLO-NL van WS78 vanuit Lelystad
| | Jubileum Slottocht 100 jaar KNBLO-NL van WS78 vanuit Lelystad |

Op zaterdag 18 oktober 2008 organiseerde WS78 een tocht vanuit Lelystad. De naam van deze tocht luidde Jubileum Slottocht 100 jaar KNBLO-NL. Ter gelegenheid van het 100 jarig bestaan van de KNBLO-NL werd hier de afsluitende 13e tocht georganiseerd. Naast de traditionele 40 km werden nu ook de afstanden van 5, 10, 15, 20 en 30 km georganiseerd. De start was vanuit Scholengemeenschap Lelystad aan het Kofschip.
Bij de start was het een drukte van belang. Leden van de KNBLO-NL waren om half acht niet op komen dagen met inschrijfformulieren, waardoor geïmproviseerd moest worden door WS78. In de veronderstelling dat de KNBLO-NL alles goed geregeld zouden hebben, had WS78 niet zijn eigen administratieformulieren meegenomen. Snel werden er ter plekke alternatieve inschrijfformulieren gemaakt.Zou 13 dan toch een ongeluksgetal zijn omdat dit de 13e tocht was?
Maar rond half negen werden de 40 km lopers buiten toegesproken door de voormalige voorzitter en niet door de huidige voorzitter zoals in het informatieboekje was aangekondigd. Het was voor ons niet minder moeilijk om te starten.
Persoonlijk vonden de eerste kilometers van het parkoers tegenvallen. We liepen aanvankelijk veel door woonwijken van Lelystad, zoals Kofschip, Lelycentre, Archipel en Boswijk. Na Volkstuinen werd het Woldbos bereikt.
Het Woldbos ligt tussen de wijken Horst en Beukenhof in het oosten van Lelystad. Het is deels in 1968 geplant als deel van het Gelderse hout. Maar gedeeltelijk is het Woldbos nog jong: dat werd aangeplant door kinderen tijdens de landelijke Boomplantdag. Door de wijk Zoom werd het Gelderse Diep bereikt en overgestoken. Na even langs de Oostranddreef gelopen te hebben, staken we een lange slingerende fietsbrug over, de Anacondabrug. Verderop werd de Lage Vaart overgestoken. Het ontwerp van de Anaconda brug doet Didi Reynders denken aan een enorme lange slang. Daarom vindt zij Anaconda een toepasselijke naam voor deze brug. In 2004 deden wijkraad Waterwijk en de gemeente Lelystad een oproep om een originele naam voor deze brug te bedenken. De Anaconda-brug ligt in de nieuwe wijk Landerijen. Daarop werd de A6-snelweg overgestoken en liepen een eind langs de Larservaart. Daarop werd natuurpark Lelystad bereikt en verder verkend.Przewalskipaarden, wilde zwijnen, ooievaars, Pater Davidherten en visotters vormen slechts een greep uit de bonte dierenverzameling van Natuurpark Lelystad. In dit bijzondere park in de voormalige Zuiderzee, lijkt het alsof alle wilde dieren in de vrije natuur leven. Wie door het gebied wandelt of fietst, zal ogen tekort komen, zoveel is er te zien. Dit jaar zijn er 7 biggetjes, 2 tweelingen van de elanden, 2 przwalskipaarden, 2 pater davidsherten, een aantal edelherten en ooievaars geboren.
We zagen hier wilde zwijnen met jonkies en Coos zag ook nog 4 otters. Verder hebben we geen bijzondere dieren gezien, wel aankondigingsborden met dieren die we daar zouden kunnen zien. Vervolgens stond een bezichtiging van een scheepswrak, het Groninger tjalk ‘De Zeehond’ op het programma. Maar een dag tevoren was het bruggetje, van dat in 1972 opgegraven wrak, afgebroken en doordoor liepen we nu niet hierlangs. We hoorden van drie Groningers, die het altijd zo gezellig vinden bij WS78, dat die Groninger Tjalk een belangrijke reden was om naar Lelystad af te reizen. Anders waren ze wellicht naar Wijnjewoude afgereisd waar de FLAL een prachtige tocht heeft georganiseerd. We zagen foto’s op internet van deze tocht. Zo voerde de FLAL-tocht naar Bakkeveen met de Bakkeveense duinen en bosgebied De Slotplaats.Natuurpark Lelystad werd aan de noordwest kant bij natuurgebied De Belt verlaten. Opnieuw kruisten we de A6-snelweg, gevolgd door kruising met de Lage Vaart. Hier werd de route met een wijde boog over een verharde weg geleid naar de brug over de Lage Vaart. Verschillende wandelaars liepen hier steil het talud op om zo een minder aantrekkelijk deel van de route af te steken. Ondergetekende bevond zich ook onder bovengenoemde groep. Opnieuw staken we het Gelderse Diep over en bevonden ons toen in natuurgebied het Gelderse Hout. Daarna volgde het Oostrandpark.
Aangekomen bij de Polderdreef, aan de noordoostkant van de Atolwijk, volgde nog een lusje door een bospassage. Later hoorden we dat wandelaars hier afstaken omdat ze verderop wandelaars uit het bos zagen komen. Deze wandelaars hebben een mooi traject gemist.
De grote rust was op 20 km in De Heeren van Stael, gelegen naast Sportcentrum De Koploper. Het was hier binnen donker. Door de zonneschijn waren onze meekleurende glazen ook al donker, waardoor het nu extra donker voor ons was.

Na een rust van ongeveer een kwartier vervolgden we ons pad door de wijk Oldenhof naar de ijsbaan. De natuurijsbaan was natuurlijk niet geopend, maar bij een grote stad met een groot oppervlakte als Lelystad hoort natuurlijk een ijsbaan. Niet veel verder passeerden we het crematorium Olandhorst.We zagen hier een wandelaar uit Voorburg lopen met een heleboel roze veters met opdruk www.sunnywalk.nl. Later zagen we op internet een foto van de naamgeefster van die opdruk van die veters. De wandelaar uit Voorburg had van haar natuurlijk een heleboel veters gekocht vanwege het goede doel (KWF).
Door het Paardenbos met natuurlijk een manege vervolgden we ons pad en kwamen vervolgens langs de Onstervaart en langs het Oostvaartbos. Door de wijk Oostervaart werd vervolgens koers gezet naar het Dierenhotel in het Bergbos. De honden hebben we luidkeels horen blaffen. Langs de Wortmandtocht werd langs het Jagersveldbos de 30 km post bereikt in een grote burenschuur. Het Jagersveldbos maakt deel uit van het Overijsselse hout en omsluit de gelijknamige villawijk aan de noordzijde van Lelystad, grenzend aan het tuindorp de Groene Velden en het biologisch akkerbouwgebied De Bronsweg. Het bosje wordt al jaren als natuurbos beheerd en begint een heel natuurlijk karakter te krijgen. Een rijke struik- en kruidlaag, veel dood hout en relatief hoge grondwaterstand maken het tot een insecten- en vogelrijk gebiedje. Buiten stonden naast banken nu ook tafels, een luxe die we bij WS78 niet gewend zijn. Een paar toiletcabines en een open vier-in-één urinoirs voor de mannen waren beschikbaar. Maar hier kwamen ook bijna alle 1057 wandelaars langs.
Er volgde een parkoerswijziging. En dat was niet de eerste parkoerswijziging. Maar in het traject van deze parkoerswijziging gebeurde er iets bijzonders. Opeens kwamen van rechts 3 wandelaars gelopen, die ook de 40 km liepen en in de veronderstelling verkeerden dat zij goed liepen. Daarop vroegen zij aan ons waar wij vandaan kwamen. Wij zeiden dat we nu ook een traject van een parkoerswijziging liepen. Er waren dus twee verschillende parkoersen om één parkoerswijziging op te vullen. Na de Zuigerplasdreef staken we de spoorlijn overDoor het Zuigerplaspark liepen we naar de noordkant van het Zuigerplasbos.Hier was de 35 km rustpost. Deze werd verzorgd door Peripatóo, de wandelvereniging uit Lelystad. Hier troffen we ook de voorzitter van Peripatóo. Hij had zijn jas van zijn werk (van Rijkswaterstaat) aangetrokken omdat dat wat lijkt op het uniform van een politieagent. Op de straat waar de rustpost aanlag, reden automobilisten nog wel eens hard en hij hoopte dat automobilisten op deze manier langzamer zouden rijden. Opnieuw voerde het parkoers door het Zuiderplaspark. Na nog wat volkstuintjes werd de finish bereikt.
Zoals gemeld hebben we verschillende keren parkoerswijzigingen gehad. Het was deze dag overwegend droog geweest met flinke zonnige perioden. Op de verzorgingsposten kon met consumptiebonnen van 50 cent worden betaald. Deze consumptiebonnen waren vooraf voor 50 cent per stuk te koop.
Wij hebben op deze tocht geen foto's gemaakt. Bij de start was het zwaar bewolkt en we vonden derhalve dat er te weinig licht was.Verder moesten we om 5 uur binnen zijn en we hadden zoiets van liever geen foto's maken en op tijd binenkomen dan andersom. Ook was het een test hoe snel ik eigenlijk wel kan lopen, als ik geen foto's maak. Er waren onderweg verschillende keren opmerkingen zoals "nu al hier", "normaal loop je toch helemaal achterin" en derdelijke.Want na 7 uur en 10 minuten bereikten we de finish. De bijgaande foto's zijn afkomstig van Hans Noordover. Hij staat ook hierboven afgebeeld. Hij kijkt hier naar één van zijn broers, die op de 30 km post een foto maakt.
We troffen bij de finish nog een wandelaar, die als enige, aan alle 14 lustrumtochten had deelgenomen.Nou zult u zeggen dat er toch 13 lustrumtochten waren? Welnu, de Rotterdamse Wandelsport Vereniging (RWV) organiseerde een lustrumtocht van Nijmegen naar Rotterdam van in totaal 180 km. Eerst was er een 100 km tocht. Na een korte nachtrust volgde nog eens 80 km. De RWV organiseerde deze tocht mede vanwege haar 80 jarig jubileum. Er waren bij deze 180 km tocht ruim 80 deelnemers.
Onderweg konden we nog een keer de complimenten in ontvangst nemen van ons verslag van de Kennedymars van Driesum/Wouterswoude, die van 29 op 30 augustus 2008 werd georganiseerd.Het IVV-nummer was 11346. Wij willen de organisatie hartelijk danken voor het mogelijk maken van deze tocht. Van de 1057 deelnemers liepen 342 het 40 km parkoers.
Henri Floor |
21:57
Gepost door gandalf
in Vrije tijd |
Permalink
| Commentaren (0)
| Email dit
| Tags: ws78, henri, ws 78, lelystad |
Facebook
|
De Grebbe Heuvelrug tocht van WS78 vanuit Rhenen
| | De Grebbe Heuvelrug tocht van WS78 vanuit Rhenen |

Op zaterdag 4 oktober 2008 organiseerde WS78 een wandeltocht van 40 km vanuit Rhenen. De start was vanuit restaurant Cunera, gelegen aan het einde van de spoorlijn. Voor openbaar vervoerreizende wandelaars was deze startlocatie ideaal. We konden ditmaal niet ruim voor 9 uur starten, omdat de tocht officieel geopend werd door de burgemeester van Rhenen.
Na de start liepen we naar het bosgebied Laarsenberg. Hier volgden we een traject van het 13 ½ km lange Grift- en Graftenpad.
De Laarsenberg heeft iets bijzonders te bieden, namelijk graften. Graften zijn begroeide steilrandjes die een helling verdelen in terrassen. Ze zijn aangelegd om erosie tegen te gaan. Boeren legden vroeger in de lengte-richting van de helling takkenbossen neer of legden een lage zandwal aan. Bij stortbuien spoelden anders de kostbare bouwlandgrond de helling af. Op den duur ontstond een terras met een steilrand, de graft, die vaak begroeid was met struiken en bomen. Graften kennen we in Nederland vrijwel uitsluitend van Zuid-Limburg. De graften op de Laarsenberg zijn uniek voor de provincie Utrecht en stammen vermoedelijk al uit de Middeleeuwen. We kregen spoedig ons eerste vergezicht. Dat was op de plaats Achterberg, dat ook gemeente Rhenen is. Verder dwaalden we door het Laarsenbos en kwamen achter Ouwehands Dierenpark uit. We hoorden later van andere wandelaars dat ze beren hadden gezien. We staken de provinciale weg N225 (Wageningen-Rhenen) over bij de Erebegraafplaats. Verkeersregelaars zorgden voor een veilige oversteek. Op de Grebbeberg ligt de erebegraafplaats die herinnert aan de zware strijd die is geleverd tijdens de Tweede Wereldoorlog. Ieder jaar op 4 mei vindt hier de Dodenherdenking plaats. Daarop werd het beschermde natuurgebied Grebbeberg bereikt. Heel fraai waren hier de diepe ravijnen. We haalden een wandelaar in die we normaliter niet inhalen. Het bleek dat de wandelaar herstellende was van een hernia en toch de sfeer van een WS78 wandeltocht wilden proeven. Hij zou de tocht bij de soeppost verlaten.Ikzelf had hier op de Grebbeberg nog een heel oude herinnering. Ongeveer 53 jaar geleden heb ik hier een jasje verloren. Vanuit mijn toenmalige woon- en tevens geboortplaats Wageningen ging ik hier wel eens met mijn ouders wandelen, toen al.De Grebbeberg is een stuwwal die gevormd is door de stuwende werking van het landijs in de voorlaatste ijstijd en is in 1995 door de provincie Utrecht aangewezen als eerste Aardkundig Monument.
Nabij een oude ruïne van een huis daalden we over een steile trap af naar het fietspad, dat onder langs de Grebbeberg loopt. Deze trap deed ons denken aan de steile trap tijdens de heuvelland-vierdaagse en die wat ons betreft uit het parkoers gehaald had mogen worden. We naderden Rhenen weer. Een afslag na de voormalige steenfabriek zou ons na zo’n 300 meter weer bij de finish brengen. Zo’n zelfde soort rondje zit ook in het parkoers van de Stichtse Dorpentocht, een 48 km lange wandeling van NS Driebergen/Zeist naar NS Rhenen.
We liepen onder de Rijnbrug door en volgden nu een schelpenfietspad datdoor de uiterwaarden liep. In het zicht van het voormalige veerhuis "De Stichtse Oever" verlieten we de uitwaarden en liepen daarop naar het centrum. Bij de Markt liepen we langs een dorpspomp en vervolgens vlak langs de Cunerakerk. We staken de hoofdstraat in Rhenen over. Nu volgden we een stijgende weg naar een supermarkt die zegt op de kleintjes te letten. Daar gingen we niet de supermarkt in maar liepen langs een molensteen naar de Binnenmolen. Door buitenwijken verlieten we Rhenen en kwamen daarop in bosgebied.
Op exact 10,0 km was de soeppost. We zagen hier een nieuwe parkoersbewaker in gesprek met de WS78 voorzitter. Dit tafereel, tezamen met het verwijsbordje van WS78 naar de soeppost werd op de gevoelige plaat vastgelegd.

Daarop werd koers gezet naar recreatiegebied Stadsparren. Maar net toen we het bord gepasseerd waren zagen we wandelaars voor ons teruglopen. En in een flits zagen we dat we hier meteen weer moesten afslaan.
We kregen nu het geluid te horen alsof we een drukke verkeersweg naderden. Maar het geluid bleek niet afkomstig te zijn van voorbij razend verkeer maar van een heleboel oude tractoren. De "Old Timer Club De Ewijkse Brug" (www.ewijksebrug.nl) had deze dag uitgekozen om met hun oude tractoren de Betuwe en omgeving onveilig en milieu-belastend met hun uitlaatgassen te maken. Deze oude tractoren waren natuurlijk nog niet voorzien van een roetfilter, waardoor het flink stonk van de uitlaatgassen.
Daarop werd het beschermd natuurgebied Remmerden bereikt. Dit gebied is, samen met de Remmerdense heide en Plantage Willem III omheind en hierin grazen Schotse Hooglanders. Wij hebben ze niet aangetroffen. Op 13 km troffen we een bankje met fraai uitzicht op de Rijn en de Betuwe in. We besloten hier een rust in te lassen en alvast een gedeelte van ons meegebrachte lunchpakket te verorberen. Ik was deze dag mijn hoed vergeten mee te nemen. Het was duidelijk te merken dat niet iedereen mij direct herkende. Bovendien had ik een andere trainingsjas aan als anders.

We hadden hier schitterende panorama’s op de Betuwe. In de verte zagen we een toren dat vermoedelijk de kerktoren van het plaatsje Ingen was.Ook in Elst vinden we een Aardkundig Monument, en wel het sneeuwsmeltwaterdal op de Plantage Willem III. Een Aardkundig Monument is een gebied waarin je de ontwikkeling van de aarde over honderden, duizenden of zelfs tienduizenden jaren met eigen ogen kunt zien. Het sneeuwsmeltwaterdal in Elst stamt uit de laatste ijstijd, 80.000 tot 10.000 jaar geleden. Het landijs kwam toen niet in Nederland, maar het was hier wel erg koud en er viel enorm veel sneeuw. In het voorjaar en in de zomer, als de temperaturen iets boven het vriespunt kwamen, ontdooiden de sneeuw en de bovengrond. Het smeltwater kon niet diep wegzakken, omdat de ondergrond bevroren bleef. Door het afstromende smeltwater ontstonden beekjes die uitgroeiden tot sneeuwsmeltwaterdalen. Op de Plantage Willem III zijn twee sneeuwsmeltwaterdalen, waarvan de meest westelijke het duidelijkst is en ook is aangewezen tot Aardkundig Monument.Langs de jeugdherberg te Elst (niet te verwarren met Elst in Gelderland liepen we verder door bosgebied. Even liepen we door de rand van het Prattenburgse bos. Over de flanken van de Elsterberg en de Galgenberg bereikten we nabij Amerongen de N225. Deze staken we met moeite over. De verkeersregelaars, die we ’s ochtends bij de erebegraaplaats op de Grebbeberg hadden gestaan, waren hier erg welkom geweest. Nu volgden we een pad langs de Amerongse Bovenpolder. Vanaf een uitzichtplatform hadden we een fraai uitzicht op de Amerongse Bovenpolder en kasteel Amerongen.
We liepen even terug naar de N225 om deze vervolgens weer snel te verlaten waarbij we een bospad volgden, waarin een zeer diepe geul door de regen was uitgeslepen. We kwamen bij de voormalige terechtstellingsplaats ’t Gerecht. Hier was op een steen een afbeelding te zien van iemand die werd opgehangen.Galgenvelden kwamen vroeger voor in het hele land. Elke stad en soms ook dorpen hadden een gerecht of een galgenveld. Soms werden ze gebruikt, zoals in Vianen. Vaak dienden ze enkel ter afschrikking. Zo is van het achter de oude begraafplaats gelegen gerecht in Amerongen bekend dat deze nooit als zodanig is gebruikt.
Verderop was een oude begraafplaats. We zagen hier een informatiebord over het klompenpad Cotlandenpad.De naam van het Cotlandenpad komt van een verkavelingeenheid die in het gebied voorkwam: de zogenaamde cotlanden of collanden. Het ging om een kleinere verkavelingeenheid dan gebruikelijk was, maar de grootte is niet precies uit te drukken. Mensen die eigenlijk geen recht op grond hadden, de onvrijen, kregen een klein stuk woeste grond om te ontginnen. Deze mensen woonden in een kot of kote en werden keuters of kotters genoemd Opnieuw liepen we over een pad langs de Amerongse Bovenpolder. Ditmaal met uitzicht op Amerongen. Halverwege dit pad, dat in de richting van kasteel Amerongen liep, lag aan onze linkerhand een vijver in de vorm van een halve maan sikkel. Deze vijver was omzoomd met bomen. Dit fraaie pad namen wij in onze wandeling mee. Achterop komende wandelaars raakten hierdoor in verwarring en vroegen zich af of ze een pijl hadden gemist, want het pad langs de vijvers zat niet in de officiële route. Langs kasteel Amerongen, het voormalige stadhuis van Amerongen en de St.Andrieskerk werd café-restaurant-hotel Buitenlust bereikt. Het terras lag fraai in de zon. En omdat er al 20 km opzaten, hadden talrijke wandelaars besloten om hier alvast te rusten. De officiële rust was iets verderop in ’t Berghuis. Maar eerst kwamen we nog langs enige oude tabaksschuren.
Bij ’t Berghuis stonden talrijke tafels, stoelen en banken buiten, want anders kon de toevloed van wandelaars niet van een natje en droogje voorzien worden.

Het zat niet in de officiële route maar wij besloten nog even naar de naastgelegen grafheuvel gelopen. Dit was namelijk een heel bijzondere grafheuvel. Het was een grafheuvel waar je doorheen kon lopen. En dat deden wij dan ook. Langs de zijwanden hingen informatiepanelen over grafheuvels.
Na de grote rust zetten we koers naar de Amerongse berg. We liepen niet naar het hoogste punt, want daar is geen uitzicht. Wel liepen we naar een punt dat bekent staat onder de naam Eenzame Eik.Het Sterrenbos op de Amerongse Berg had oorspronkelijk de vorm van een wagenwiel met een grote eenzame eik als as, met acht beukenlanen als spaken en een cirkelvormige laan als velg. Het is in 1790 aangelegd door de kasteelheren van Amerongen.
De laatste oude beuken die de buitencirkel en de lanen sierden zijn omstreeks 1940 gekapt. Daarna is er een douglassparrenbos van gemaakt met slechts vier spaken. Om het Sterrenbos in oude staat terug te brengen, is rond 1990 de buitencirkel opnieuw ingeplant met beuken en is het douglasbos daar binnen gekapt.
Nu staan in deze cirkel jonge beukenbomen. Deze waren hier geplant tijdens de nationale Boomfeestdag op 7 april 2004. De oorspronkelijke datum van deze bomendag was verplaatst vanwege de dood van prinses Juliana. Alle 8 de lanen waren voorzien van een naam.
Aan de Veenendaalse kant werd de rand van het bosgebied bereikt nabij de Cunera Hoeve. We troffen hier de voorzitter, die bezig was om zijn auto schoon te maken. Met name de matten werden uitgeklopt. Navraag leerde ons dat hij kort tevoren een paar uitvallers naar de finish had gebracht. En dat die wandelaars, voordat ze in de auto stapten, niet hun voeten hadden geveegd. We volgden nu een asfaltweg tot voorbij kasteel Prattenburg. Dit kasteel liet zich moeilijk fotograferen, maar we hebben wel een poging daartoe gedaan. Daarna dwaalden we via parkoerswijzigingen door het Prattenburgse bosWe staken de N416 (Veenendaal – Elst) over en kwamen daarop in het Schulpse bos. Hierin ligt onder andere ’t Koetshuis en het naastgelegen à la carte restaurant "de Rotisserie". Voor ‘t Koetshuis werden net 2 korven met hout besprenkeld met een brandbare vloeistof en aangestoken. Dit soort brandende houtkorven zagen we ook met de Friese Kennedymars te Driesum/Wouterswoude.
Het volgende bosgebied dat doorkruist werd, was Sparreboomse Berg. Spoedig daarop werd de koffiepost bereikt. Dit was niet de in de routebeschrijving aangeduide post aan de Oude Veenendaalse grindweg maar bij een boerderij langs de Cuneraweg (N233)
Nu betraden we de een voormalige zandafgraving en thans zijnde het recreatiepark Kwintelooyen. We moesten door een klaphekje omdat in dit gebied ook Schotse Hooglanders grazen. Wij troffen de dieren nu niet aan. We volgden een leuk hobbelig pad dat tussen twee meertjes door liep. Daarna liepen we over een drie planken brede houten brug met een leuning. Er volgde een steile zandhelling even later gevolgd door een steile afdaling. Toen was de koek nog niet op, want er volgde nog een 168 tellende trap naar boven (en niet 170 zoals in de parkoersbeschrijving stond).
Het dagrecreatieterrein Kwintelooijen ligt in de driehoek Rhenen - Veenendaal – Elst. Kwintelooijen ligt ingesloten tussen drie particuliere landgoederen: Prattenburg, de Dikkenberg en Remmerstein. Daaraan grenzend liggen de Stadsbossen van Rhenen en de Plantage Willem III, van Stichting Het Utrechts Landschap. Het gehele gebied strekt zich uit van de noordoever van de Rijn tot de Gelderse Vallei. Karakteristiek in het gebied zijn de diepe erosiedalen, de prehistorische grafheuvels, wallen, beukenlanen en de overgangen tussen heuvelrug en valleien. Opvallend is het grote hoogteverschil van vijftig meter op Kwintelooijen; van zeer nat (ven en moeras) naar droog (heidevelden). Vanaf de hoogste delen van Kwintelooyen hadden we fraaie panorama’s op Veenendaal en eenmaal ook op een hoge flat te Wageningen. Door het Remmersteinse Bos liepen we naar bungalowcentrum De Thijmse Berg. Hier was op de parkeerplaats nog de fruitpost gesitueerd, waar we een banaan of naar keuze een appel kregen. Langs de Bergweg stonden zeer dure landhuizen. Hier hadden we nog fraaie panorama’s op het buitengebied van Rhenen. Na 8 ½ uur werd de finish bereikt. Het was een hele mooie en overwegend droge dag geworden. Tweemaal heeft het onderweg even licht gedruppeld. Maar dat mocht geen naam hebben. Dat druppelen was rond half elf in de ochtend en rond drie uur in de middag. Het IVV nummer was 11337.
We bedankten de parkoersuitzetter hartelijk en zeiden dat ons oordeel over deze tocht luidde: "geslaagd met vlag en wimpel". Wat ons betreft mag hij vaker een tocht voor WS78 uitzetten. Ook de organisatoren willen we hartelijk danken voor het mogelijk maken van deze tocht.
Henri Floor |
Klik HIER om naar de fotoreportage te gaan.Er zijn 78 foto's geplaatst.
21:56
Gepost door gandalf
in Vrije tijd |
Permalink
| Commentaren (0)
| Email dit
| Tags: henri, ws78, ws 78, rhenen |
Facebook
|
11-05-08
De Amerongse Bovenpolder tocht van WS78 vanuit Maarn
| | De Amerongse Bovenpolder tocht van WS78 vanuit Maarn |
Op zaterdag 5 april 2008 organiseerde WS78 een wandeltocht vanuit Maarn. De start was vanuit het cultureel centrum De Twee Marken. Voor de WS78 leden en genodigden die fysiek niet meer in staat zijn de 40 kilometer afstand te volbrengen is er voor deze gelegenheid een 20 kilometer afstand. Zij werden met bestelbusjes naar de grote rust gebracht en mochten vandaar naar de finish lopen. Omdat de grote rust al op 18 km lag en de totale afstand 41 km was werd de 20 km effektief 23 km.Wij mochten deze tocht parkoerstechnisch voor onze rekening nemen. En omdat de parkoersarchitekt de route goed kent, mochten wij de route markeren. Evenals de voorgaande jaren deden we het markeren ook dit jaar over twee dagen verdeeld en lopend. Om geen problemen te hebben met het vervoer aan het eindpunt van de eerste dag terug naar de start, besloten we de markering te beginnen op de fruitpost op 35 km van de route. Dit punt was goed met de bus te bereiken, Vandaar liepen we naar de finish. Vervolgens tot 2 km voorbij de grote rust waar we uitkwamen op de procinciale weg van Rhenen naar Driebergen. Hier namen we dan de bus huiswaarts. Vrijdags markeerden we de rest.
Toen we op donderdag 3 april een paar km onderweg waren, stelden we vast dat één van de twee meegenomen nietmachines niet funktioneerde. Hoewel het deze donderdag niet regende van betekenis stelden we al wel vast dat er paden verzadigd van water waren. Dat hadden we trouwens al op 24 maart 2008, paasmaandag vastgesteld met de laatste keer dat we de tocht grotendeels hadden voorgelopen.
Tijdens het markeren maakten we nog twee vermeldenswaardige gebeurtenissen mee. Op donderdag 3 april reed ons nabij de Leersumse plassen een auto van de boswachter tegemoet. Opeens bleef deze op ruime afstand voor ons staan.
Er werd met groot licht geseind en de boswachter wees met zijn hand uit het raam naar links. Daar zagen we in een weiland 7 reeën grazen. Op vrijdag 4 april kwam net de beheerster van de schaapskooi op landgoed Zuylestein te Leersum aangelopen. We werden uitgenodigd om in de schaapskooi te komen kijken. Naast 13 schapen lagen daar 6 jonge lammetjes van 7 dagen oud.Hadden we op deze donderdag en vrijdag samen de route gemarkeerd, op de zaterdag reed ik alleen met de fiets een uur voor starttijd het parkoers op om te kontroleren of de aangebrachte markeringen er nog zaten. Een mede parkoersbewaker ging eerst nog koffiedrinken en zou mij normaliter achterop gereden zijn, ware het niet dat hij na 11 km besloot om te stoppen vanwege gezondheidsredenen. Hier kwam ik echter pas op de koffiepost achter.
Het weer zat deze dag niet mee. Het regende voor een groot deel van de dag. Na het heideveldje, dat tot de stiltste van Nederland wordt gerekend, werd een bospad bereikt met de fraaie naam “Gouden Laantje”. Bosarbeiders waren in dit gebied aktief geweest en de omgezaagde bomen waren zolang op het pad gelegd. Met alle gevolgen voor de wandelaars.
Het zal u geachte lezer dan ook niet verbazen als ik zeg dat deze dag langs vele plassen gelopen werd. Ook het aantal modderpassages was vrij groot. De eerste voorzitter van WS78, Klaas de Heij, kon zich zoveel modder tijdens een WS78 tocht, niet herinneren.
Er was een wandelaar, die op de eerste verzorgingspost nog een foto had gemaakt waarop de volgende tekst stond:
Paardereglement
Geef me oop tijd een schone stal
Dat is ’t belangrijkste van al!
Dan heb ik graag op tijd m’n eten.
Zou men dat ook niet willen vergeten?
Als u mij persé wilt dresseren,
kan ik dat ook zonder zweep wel leren.
’t Couperen van mijn staart moet u vermijden,
die zit er aan om vliegen te bestrijden!
Dit zijn de regels die ik stel,
Neem ze in acht en ik gehoorzaam trouw ieder bevel!
Het parkoers door de Amerongse Bovenpolder, waarnaar deze tocht genoemd is, werd er op een gegeven moment uitgehaald wegens gladheid bij staalplaten over een brug.Na de fruitpost kwamen de wandelaars in Doorn langs de 29 meter hoge uitkijktoren. We hoorden en zagen op foto’s dat talrijke wandelaars deze toren hebben beklommen. Tijdens het voorlopen op 24 maart hadden we hier nog een stevige hagel- en sneeuwbui.
Er waren inmiddels al verschillende snellere wandelaars gepasseerd. Deze kregen het de laatste paar km nog moeilijk omdat een gedeelte was “schoongeveegd” (ontdaan van markeringen). Rond 3 uur in de middag bereikten we de finish. De laatste wandelaars bereikten rond 18.15 uur de finish.
De President van de UAN was deze dag ook aanwezig. Door zijn aktiviteiten heeft de Stichting Euraudax Nederland dit jaar besloten alle 48 Euraudaxtochten te annuleren. Hoe groot de haat onder sommige wandelaars was moge blijke uit het feit dat een wandelaar een folder over een Euraudaxtocht die door het UAN wordt georganiseerd, doorscheurde voor de ogen van deze man.
Bij de inschrijftafel stond nog een rijmerij om knorretje te spekken. Zoals de meeste keren was de tekst ook dit keer afkomstig van Bertus Snoek:
De dertigste serie is verledentijd
maar er komt nog wat
we hebben nog geen toetje
of ben je het al zat
ruim 300 WS wandelingen
zijn er nu geweest
je zag ze zweten, vloeken, zingen
maar nu is het tijd voor een feest
want het goed verzorgt wandelen
daar kwamen ze steeds voor
en hun eigen wandelklup
die groeide alsmaar door
daarom hulde aan die mensen
of ze klein zijn of heel groot
voorzitter, koffieschenker of inschrijver
of verkenner van een sloot
ben ik hem of haar vergeten
nee, ik noem ze allemaal niet op
maar één ding moet je weten
WS 78, de top
Om 18.00 uur hield het betuur een receptie en de dag werd afgesloten met een chineesbuffet voor genodigden in één van de zalen van de Twee Marken. Naast alle vrijwilligers en bestuursleden waren deze keer ook alle parkoersbouwers uitgenodigd voor het etentjeTijdens de receptie werden 3 nieuwe ere leden gehuldigd. Het waren de heren Freek Kers, Cees Moerbeek en Piet Zwikker. Daarmee is het aantal ereleden tot zeven man uitgebreid.
Het parkoers was deze dag dus heel zwaar. Zoals gezegd kwam de laatste wandelaar om 18.15 uur binnen. Wat betreft de zwaarte van deze tocht werd deze min of meer gelijkgesteld met de voorlaatste WS78 tocht vanuit Nijmegen. Evenals in Nijmegen waren hier vermoedelijk enige tientallen uitvallers.
Toen deze tocht vanuit Maarn werd gepland (eind 2006) waren de graslanden in Amerongse Bovenpolder nog onaangetast. In de zomer van 2007 werd in opdracht van Staatsbosbeheer een grote herinrichting van dit gebied uitgevoerd. Het gevolg was, dat flinke delen van dit gebied werd bereden door grote auto’s. De ijzeren bruggen die er nu lagen, waren er toen nog niet.
Die brede zandwegen, nu modderwegen waren er ook nog niet. Alleen de naastgelegen houten bruggetjes lagen daar over het water. Er kan dus niet zonder meer gesteld worden dat het parkoers door de Amerongse Bovenpolder onverantwoord was om in het parkoers op te namen. Nog een bijzonderheid voor deze tocht is het wandelplaatje. De tekst op het wandelplaatje klopt niet met de naam van de tocht. Op het wandelplaatje staat namelijk “Amerongense Bovenpolder” vermeld in plaats van Amerongse Bovenpolder. Maar het plaatje is, evanals de andere 10 wandelplaatjes van het seizoen, bijzonder kleurrijk.Het IVV-nummer was 16932.
We willen de organisatoren van deze tocht bedanken met de woorden van Bertus Snoek:hulde aan die mensen, of ze klein zijn of heel groot, voorzitter, koffieschenker of inschrijver, of verkenner van een sloot.hartelijk dank voor de organisatie van deze tocht.
Zoals gezegd werd de route door de Amerongse Bovenpolder op een gegeven moment uit de officiële route gehaald, omdat door de regen de plaatselijk aanwezige klei voor gevaarlijk gladde trajekten had gezorgd. Maar toen de pijl-ophalers hier kwamen volgden zij de gemarkeerde route. En die volgden toen niet meer de route door de Amerongse Bovenpolder.
Maar die pijlen moesten nog wel verwijderd worden. De daarop volgende zondag durfden wij het niet geheel aan om die pijlen weg te halen.Bovendien waren we flink vermoeid. En een dag later moesten we weer fit voor onze dagelijkse arbeid zijn.Op de daarop volgende maandag belden we de terreinbeheerder op met de vraag of wij een week later de pijlen konden verwijderen.In de vergunning stond namelijk dat de markeringen binnen 24 uur na de tocht verwijderd moesten worden.De beheerder ging er mee akkoord en prees ons voor deze aktie.Op vrijdag 11 april 2008 besloten we in de namiddag naar Amerongen af te reizen. Op 9 april 2008 hadden we nog een basiscursus GPS gevolgd.Zodoende konden we het geleerde op deze vrijdagmiddag meteen in de praktijk brengen door het maken van een track.Vanwege het zonnige meer namen we ook ons fototoestel mee en maakten rond de 80 foto's.Het begin- en eindpunt van deze wandeling was kasteel Amerongen.Daarna liepen we door de Amerongse Bovenpolder om de pijlen weg te halen.Vervolgens liepen we over landgoed Zuylestein over trajekten van het Trekvogelpad en het klompenpad Cotlandenpad terug naar Amerongen.
| Henri Floor & Coos Verburg |
Kijk ook eens naar het verslag van 24 maart 2008.
16:54
Gepost door Henri Floor
in Vrije tijd |
Permalink
| Commentaren (0)
| Email dit
| Tags: henri, ws78, ws 78 |
Facebook
|
27-02-08
de Groen-Blauwe Slingertocht met WS78 vanuit Zoetermeer
| de Groen-Blauwe Slingertocht met WS78 vanuit Zoetermeer |
Op zaterdag 23 februari 2008 organiseerde WS78 een 40 kilometer lange wandeltocht vanuit Zoetermeer. De start was vanuit Kinderspeelparadijs Bal-lorig aan de Voorweg gelegen op korte afstand van tramhalte Voorweg van Randstadrail.Even voor 9 uur verlieten we de start over de Voorweg in westelijk richting. De nevel was opgetrokken en had plaatsgemaakt voor zonneschijn. Daardoor hadden we in het begin langs sloten en bij vijvers enige fraaie weerspiegelingen in het water.
We liepen door de oostzijde van het Westerpark op korte afstand van bebouwing. Daarbij kwamen we over vlonders en langs rietkragen.Het Westerpark ligt, zoals de naam al doet vermoeden, aan de westzijde van Zoetermeer en is qua grootte en opzet te vergelijken met Central Park in New York. Het park is verdeeld in deelgebieden, elk met hun eigen karakter. Zo is er een bosgebied, een bloemenweide, een plassengebied, de natuurtuin en niet te vergeten de sportvelden.Bij een boomstambankje, een bankje waar een zitgedeelte was uitgezaagd, sloegen we af. Weldra bereikten we de A12-snelweg. Deze staken we over gevolgd door de spoorlijn Gouda-Den Haag. Nu kwamen we door de rand van het voormalige Floriadepark uit 1992.
Het weer veranderde langzaam. Aanvankelijk was het zonnig. Maar nu kwamen er steeds meer nevel flarden opzetten en het werd bijna zelfs mistig, maar het bleef droog.
Door de westzijde van Rokkeveen, een wijk van Zoetermeer, bereikten we natuurgebied De Balij. Dit was een afwisselend gebied met bos, sloten, vaarten en vijvers. In een gedeelte waren grote natuurstenen in het water gelegd. Er was een vlot waarmee je je naar de overkant kon trekken, maar ernaast lag ook een gewone brug.Aan de rand van de wijk Rokkeveen ligt het Balijbos. Het Balijbos en het wijkpark in Rokkeveen zijn beiden overblijfselen van de Floriade die in 1992 in Zoetermeer is gehouden. Het Balijbos maakt nu deel uit van de Groen-Blauwe Slinger, dat de groengebieden in de regio met elkaar verbindt. Als het bos volledig af is, strekt het van Zoetermeer, tot Pijnacker en Delft.
Op een gegeven moment kwamen wandelaars ons tegemoet gelopen. We dachten eerst dat ze verkeerd waren gelopen. Omdat de route in een relatief klein gebied plaats vond, zaten er zeer veel slingers in het parkoers, zo ook hier. Op een Y-splitsing wees een WS78-pijl het rechterpad aan terwijl het leek of wandelaars op het linkerpad terugliepen. Maar verderop sloegen zij af.Er waren wandelaars die eens lekker af wilden steken en daarop het linkerpad volgden. Daar was zelfs een parkoersbouwer bij. Maar later kwamen zij toch weer bij ons op het pad, want het leek erop dat ze anders teveel zouden afsteken en dat was ook niet hun bedoeling. Zo zie je maar weer dat parkoersbouwers ook gewone wandelaars zijn.
Bij punt 39 staken we een pad over. Zowel naar links als naar rechts zagen we wandelaars van ons af lopen. Het komt wel waker voor dat een wandelparkoers om het verlengde van een pad heen slingert. Maar in dit geval waren de wandelaars aan beide kanten van de weg wandelaars die voor ons liepen op het parkoers.
Bij punt 47 staken we een ingenieus geconstrueerde en blauwkleurige brug over, die bestond uit stalen buizen. Toen we later de foto van de brug bestudeerden herkenden we daarin de vormen van meerdere kubussen.
Daarop werd een bomencirkel bereikt die bestond uit 15 Italiaanse populieren.We stonden hier in het "Bos van Morgen" bij de Europese bomencirkel. Dit bos staat symbool voor ons verlangen naar een harmonieuze wereld waarin alle kinderen het recht moeten hebben om op te groeien.
Op woensdag 19 maart 1997 – de Nationale Boomfeestdag- is dit bos aangeplant in het kader van de Boomfeestactie
De bomencirkel bestaat uit 15 Italiaanse populieren. Zij symboliseren de 15 lidstaten van de Europese Unie (in 1997) in ons streven naar een gezonde samenleving waar ook ter wereld.
(Dit bos is in miniatuur te zien in Madurodam)Nabij buurtschap Noukoop werd het natuurgebied verlaten voor een bezoek aan de verzorgingspost. Bij het bord van de bebouwde kom van Pijnacker werd de soeppost bereikt. De afgelegde afstand bedroeg 9,7 km.Bijna het gehele buitengebied van de gemeente Pijnacker-Nootdorp, het glas uitgezonderd, maakt onderdeel uit van de Groenblauwe Slinger. De Groenblauwe Slinger is het waterrijke, groene gebied dat door de gemeente de verbinding tussen Midden-Delfland en het veenweidelandschap (Groene Hart) boven Zoetermeer moet creëren. Het gehele gebied van de Groenblauwe Slinger beslaat zo’n 20.000 ha.
Na de soeppost passeerden we een wandelwegwijzer met onder andere de verwijzing naar de start van de Groen-Blauwe Slingerroute. Dat was een ander startpunt als onze tocht. Andere verwijzingen waren naar Overschie, Grote Balijroute en Delftse Houtroute
Iets verderop liepen we langs de noordrand van Pijnacker langs huizen en aan de rand in het grasveld stond een vogelhuisje met daarop een klein poppetje in de vorm van een mens.Opnieuw dwaalden we door natuurgebied Haaglanden De Balij. We troffen een echtpaar uit Nieuwegein die met ingang van dit seizoen had besloten om geen WS78 tochten meer te lopen omdat de WS78 tochten voor hen te zwaar waren geworden. Maar van deze tocht vanuit Zoetermeer werd een asfaltparkoers verwacht. Ze kwamen dus bedrogen uit, want bijna het gehele parkoers was onverhard. Eén van hen besloot dan ook de tocht bij de grote rust voor gezien te houden.
Na natuurgebied Haaglanden De Balij ging ons pad over in natuurgebied Haaglanden Bieslandse bos. Bij de overgang liepen we door een klaphek met een naambordje van het gebied. Wij zijn de laatste tijd gewoon om dan van de bordjes een foto te maken. Dat wilden we hier ook doen. Nu was een andere wandelaar bezig om hier een foto van te maken. Omdat we het wat te lang vonden gaan duren besloten we dan ook de wandelaar maar mee op de foto te zetten.
Even verderop kwamen we op korte afstand langs een wit klein huisje, het Putgemaal. Zo’n 30 meter van de route stond ook een infobord. We hadden hierover iets in het infobulletin gelezen en besloten daarop naar het infobord toe te lopen.Het Putgemaal
Op de plaats van dit gemaal stond vroeger een windmolen die op oude kaarten vermeld staat als ’t Wipje. De molen werd gebouwd in 1874 en is helaas in 1925 afgebrand. "t Wipje was een vijzelmolen met een vlucht van 27,9 meter, de vijzel had een diameter van 1,50 meter. Als molenaars worden genoemd Piet en Arie Hulsman. De molen was nodig voor de droogmaking van een klein deel van de Noordpolder van Delfgauw, ook wel Bieslandse Benedenpolder genaamd. Deze polder was eerst een verveningsgebied en kreeg na droogmaking een agrarische bestemming. De hiernaast gelegen polder Biesland was al rond 1860 drooggemaakt. Na de brand in 1925 heeft het Hoogheemraadschap Delfland het door een dieselmotor aangedreven gemaal gebouwd. Het gemaal is thans niet meer in gebruik. De polder wordt nu bemalen door de "afgeknotte molen" aan de Noordeindseweg te Delfgauw.
In 1994 heeft de Gemeente Pijnacker het Putgemaal voor het symbolische bedrag van één gulden (45 eurocent) gekocht van het Hoogheemraadschap Delfland. Het beheer van het karakteristieke gebouwtje is vervolgens overgedragen aan de vereniging voor Natuur- en Milieubescherming Pijnacker. Deze vereniging heeft het gebouw, de watergang en de omgeving zodanig ingericht dat flora en fauna hier een kans krijgen. De kelder is geschikt gemaakt als overwinteringsplaats voor vleermuizen. Het is er donker en vochtig en er heerst een constante temperatuur.
Op de zolder van het gebouwtje kunnen vleermuizen ’s zomers verblijven. Ze rusten overdag en jagen in de schemering en ’s nachts in de omgeving. De "brievenbus" die in het raam aan de zijkant zichtbaar is, dient als invliegopening.
We kwamen in buurtschap Klein Delfgauw. Na een oude boerderij betraden we het achterliggende weiland. We liepen om de boerderij heen. In het weiland staken we een paar bruggetjes over die hier de vorm van roosters hadden. Aan de rand van het weiland waren toegangen naar het weiland afgesloten met grote houten slagbomen.We kwamen bij een bosgebied waar omheen een sloot lag. Aan de overzijden lag het bos verhoogd op een heuvel. Opeens hoorden we stemmen. Het bleek dat er wandelaars, verderop in het parkoers door het bos op de heuvel liepen.
We kwamen op korte afstand langs de A13 snelweg. Je hoorde alleen het geluid van de auto's. We bevonden ons inmiddels op het grondgebied van de gemeente Delft. Daarop werd het bos- en plassengebied Delftse Hout bereikt en doorkruist. Na een groot strand van de Grote Plas werd de grote rust bereikt. Deze was gelegen bij een voormalige molen en droeg de naam Het Rieten Dak. Hoewel er wandelaars buiten op het terras zaten kozen wij er voor om binnen een plaatsje te zoeken. Nadat we ons brood hadden opgegeten was het rustig geworden bij de balie van het zelfbedieningsrestaurant. We lieten ons daarna de warme chocolade goed smaken.Het Rieten Dak staat op bijna precies dezelfde plaats waar in 1648 een molen werd gebouwd die het overtollige water uit de Nootdorpse polders moest pompen. In 1892 werd die molen buiten gebruik gesteld. In 1936 werd besloten om de inmiddels vervallen molen als theeschenkerij in te richten: Het Zinken Dak. Later kwam er een rieten dak op de uitspanning en de naam veranderde mee. Het Rieten Dak werd in 1989 zo goed als verwoest door brandstichting. In 1994 heeft architect Rokus Dubbelman een fraai achtkantig gebouw ontworpen dat twee verdiepingen telt. Boven bevindt zich het wintercafé, deze is bereikbaar met een grote wenteltrap.
We troffen hier op de grote rust de echtgenoot van de op 12 februari overleden Karel Vogel en condoleerde haar met dit grote verlies. Eerder hadden we al de meeste andere familieleden gecondoleerd.Na de grote rust liepen we langs de Tweemolentjesvaart. We hadden al een paar maal langs het water tentjes zien staan van vissers. Maar nu stonden pal naast ons pad een paar tentjes van vissers.
We kregen zicht op een oud huis uit 1888 waarvan de voorgevel enigszins verzakt was. Een dame uit Nijkerkerveen, die ons net passeerde, merkte op dat als je in bed in dat huis lag, dat je dan vanzelf naar één zijde rolt. Iets verderop liepen we pal voor het huis langs. We kregen de indruk dat de voorzijde van dit huis niet meer werd bewoond.
Door de bomen nabij Nootdorp zagen we grote woningen met roodgekleurde daken. Verderop zagen we twee amazones op witte schimmels rijden. We kwamen bij de Dobbeplas en kregen uitzicht op molen Windlust. Omdat we van te voren niet wisten dat we er vlak langs kwamen, maakten we met de telelens er een foto van.De gemeente Pijnacker-Nootdorp is een van de laagst gelegen delen van Nederland. Zo ligt de gehele gemeente onder Nieuw Amsterdams Peil (NAP). Het diepste punt bevindt zich op ongeveer 5.5 meter onder NAP. Een ingewikkeld systeem van watergangen, boezemstelsels en pompen zorgt ervoor dat het water op peil blijft en dat we droge voeten houden.
Bij de molen aangekomen bleek dat er ook nog een restaurant bij was gevestigd met de naam De Vang. We vervolgden ons pad door de zuid-oostrand van Nootdorp. Daarbij kwamen we nog langs een oldtimer die op de gevoelige plaat werd vastgelegd.We zagen hier in Nootdorp talrijke zeer grote geschakelde landhuizen. Bij een kaasboerderij stond een wel heel grote muis buiten aan de inrit om extra reclame te maken.
We volgden de 's-Gravenweg, staken de tramlijn over van Randstadrail en rond 3 uur bereikten we de koffiepost. De banken stonden lekker overdekt en uit de wind. We aten hier het restant van onze lunch op. Na de koffiepost liepen we onder de spoorlijn en A12-snelweg door.
We staken hier onzichtbaar de Scheiding tussen Delfland en Rijnland over. Over het Sprinterpad bereikten we het golfterrein in het Westerpark. Het slingeren werd nu drastisch verhoogd, waardoor de naam van de groen-blauwe slingertocht extra eer aan werd gedaan. Bij het golfterrein, dat onderdeel is van het Westerpark, moesten we ook nog een paar hellinkjes nemen.
Aan de Voorweg was op 34 ¾ kilometer de fruitpost bij Ruitersportcentrum De Voorweg. Een verwijspijl naar de fruitpost werd wat te letterlijk opgevat waardoor we in een kantoortje van het ruitersportcentrum terecht kwamen. We troffen hier weer het Belgische echtpaar uit Herniksem/Antwerpen. Op de grote rust en daarna hadden we hen ook al getroffen. Van hen hoorden we dat het fanatieke echtpaar uit Heerlen er niet was vanwege rugklachten van één van hen. Daardoor missen we naast hun wandelverslag ook nog hun fotoreportage. De getroffene in ieder geval beterschap toegewenst als je dit leest.

Op weg naar het letterlijke hoogtepunt van de tocht kwamen we nog langs een mooi kleurrijk bord met de vermelding van een eigen hondenstrand. We kregen uitzicht op de grote overdekte skibaan in het Buytenpark. Er waren hier, op een voormalig afvalterrein, talrijke heuvels die ook bijna allemaal beklommen moesten worden.Buytenpark
De oude vuilstortplaats aan de westzijde van de stad is afgedekt met een laag grond en omgetoverd in een recreatiegebied. Het is een heuvelachtig gebied en de vegetatie bestaat voornamelijk uit gras en weideland. In het gebied lopen Galloway runderen vrij rond. Door het heuvelachtige terrein is het gebied erg geschikt voor survivaltochten, mountainbiken en WS78-tochten. Een andere grote publiekstrekker is SnowWorld Zoetermeer, de overdekte skipiste met echte sneeuw. Hier komen jaarlijks zo'n 1.2 miljoen bezoekers.Op een gegeven moment zagen we geen pijlen meer. Toen we vlak bij een groepje wandelaars kwamen, die we bij de fruitpost hadden getroffen toen wij daar aankwamen en zij net vertrokken, wisten we zeker dat we verkeerd liepen. We liepen terug, want we wilden de vergezichten van de heuvels niet missen, Toen we naar een top liepen, zwaaide een wandelaar naar ons, ten teken dat we weer de goede richting opliepen.
Het was nu net alsof we, ter vergelijking met de bergen, een graatwandeling maakten. Op verschillende plaatsen waren oude boomstronken geplaatst. En dat in een gebied waar helemaal geen bomen groeiden.
We kwamen vlak langs de fundamenten van het hoogste punt van de skibaan. Tenslotte kwamen we nabij een groep runderen terecht. Omdat er op dat moment geen mensen voor of achter ons liepen en omdat er vaak op bordjes staat dat je 50 meter afstand moest houden, besloten we dit laatste te doen. Daardoor liepen we een paar honderd meter extra om.
We daalden af en kwamen weer in de "bewoonde wereld". We liepen onder de tramrails van Randstadrail door richting de Voorweg. Maar even daarvoor had de parkoersbouwer nog een mooi paadje gevonden, dat ons naar de finish bracht.
De totale afstand bedroeg 40,160 km. Het IVV-nummer was 16897.
Het was een hele mooi tocht geworden. Nadat het rond een uur of 10 erg nevelig was geworden, verbeterde het weer in de loop van de mdag. Maar zo mooi, wat het weer betreft, als de dag begon, zo werd het niet meer. Het overgrote deel van het parkoers was onverhard of asfaltpaden waar geen auto’s mochten komen. De parkoersuitzetter heeft echt alles wat maar mogelijk is uit deze tocht gehaald. Het was gewoonweg grandioos.
Naderhand bestudeerden we de ingetekende route en deze was ook goed en zeer nauwkeurig ingetekend. Daarnaast willen we het bestuur en de vrijwilligers van WS78 hartelijk danken voor het mede mogelijk maken van deze tocht.
Henri Floor & Coos Verburg |
Klik HIER om naar de fotoreportage te gaan.Er zijn 59 foto's geplaatst.
20:23
Gepost door Henri Floor
in Vrije tijd |
Permalink
| Commentaren (0)
| Email dit
| Tags: ws78, ws 78, zoetermeer, henri |
Facebook
|
11-02-08
De Voor IJsseltocht met WS78
| | De Voor IJsseltocht met WS78. |
Op zaterdag 9 februari 2008 organiseerde WS78 een 40 kilometer lange wandeltocht vanuit Twello. De start was recht tegenover het station aan de Stationsstraat.Station Twello is het recent heropende spoorwegstation in het Gelderse Twello aan de spoorlijn Apeldoorn – Deventer. Sinds 10 december 2006 beschikt Twello weer over een in gebruik zijnd station. In de spits stopt hier tweemaal per uur (buiten de spits eenmaal per uur) in beide richtingen de stoptrein tussen Apeldoorn en Almelo. Van en naar het station rijden zogenoemde flexbussen, die de mensen in 8-persoonsbusjes Twello inbrengen.Het eerste station van Twello was gebouwd in 1886 en werd verwoest tijdens oorlogshandelingen in 1944. Een tweede station werd buiten gebruik gesteld in 1951. Sinds die tijd had Twello geen station meer. Het nieuwe station is enkele honderden meters ten westen van de oorspronkelijke locatie van het station gebouwd om parkeerplaatsen te kunnen realiseren. We waren ruim op tijd gearriveerd. Even voor half negen besloten we het dorp in te lopen. Op de website van de gemeente Voorst, waar Twello onder valt, hadden we gezien dat er aan de Dorpsstraat fraaie huizen of oude gebouwen stonden. En deze wilden we op de gevoelige plaat vastleggen. Tegen kwart voor negen besloten we terug te keren naar de start. Want het wil wel eens voorkomen, dat al om kwart voor negen wordt gestart. Groot was de verbazing toen we constateerden, dat de wandelaars al gestart waren. Later hoorden we dat ze al om half negen waren gestart.
Door de wijk met de straatnamen van de klassieke muziek (Mozart, Beethoven, Sweelinck, Bach) verlieten we het centrum van Twello. Nabij buurtschap Duistervoorde met de hele grote St. Martinus kerk in het zicht verlieten we Twello over de Leigraaf. In de tuin van een huis stond een heel bijzondere brievenbus. Deze brievenbus had de vorm van een ouderwetse brievenbusbezorger en was geheel zilverkleurig. Tijdens het maken van een foto hiervan keek de huiseigenares geïnteresseerd toe.
We werden ingehaald door een groepje wandelaars. Terwijl wij aan het fotograferen waren zei één van hen: “deze meneer heeft de mooiste website van Nederland”. Dat klopt natuurlijk niet. Maar hij geeft daarmee wel aan dat hij onze website heel mooi vindt.We sloegen over een graspad af en volgden de sloot met enige haakse bochten. Door het zonnige weer en weinig wind weerspiegelden de wandelaars heel fraai in het water. Je zag hier dan ook talrijke wandelaars foto’s maken.
In het gehele gebied zag je specifieke typische hooibergen, waar een schuur omheen is gebouwd. Dit werd hier als volgt omschreven met een 4-roedige steltenberg met ombouw en (meestal) een rietgedekte schildkap. Verschillende keren hadden we uitzichten op de St. Martinuskerk van Duistervoorde. Deze indrukwekkende kerk liet zich echter moeilijk mooi fotograferen. De St. Martinus kerk is een neo-gotische pseudo-basiliek uit 1889, een driebeukige kerk met leiengedekte daken en een hoge toren. Nabij buurtschap Wilp-Achterhuis werd de A1-snelweg overgestoken.Langs de Ardeweg en langs de A1-snelweg lag een grote berg. Het was geen gewone berg maar een in verschillende lagen afgedekte stortplaats. Op verschillende plekken zagen we schoorsteenpijpen uit de berg steken om de vrijkomende biogassen af te voeren.
Daarna dwaalden we door recreatiegebied Bussloo en liepen langs het meer Bussloo. Daarbij kwamen we over het terrein van een golfbaan maar er waren nog geen golfers actief.De geschiedenis van Bussloo (gemeente Voorst) begint in 1968 met de aankoop en ontgronding van het gebied. Er was een grote behoefte aan zand voor de aanleg van snelwegen. Een ander doel was het creëren van een aantrekkelijk en natuurlijk recreatiegebied ten behoeve van de Stedendriehoek (Apeldoorn-Deventer-Zutphen).
In 1977 werd Bussloo officieel voor het publiek geopend en werd gestart met het innen van parkeergeld. In de daarop volgende jaren werden er regelmatig nieuwe recreatieve voorzieningen gerealiseerd, zoals kiosken, toiletgebouwen, het onderwaterhuis (voor de duikers), fietspaden rondom Bussloo, kampvuurplaats, speelvoorzieningen, natuur-educatiecentrum en de golfbaan. Ook werd het monument 'De Middelburg' gerenoveerd. De naam Middelburg verwijst naar de burcht, die daar in het verleden gestaan heeft. Thans is De Middelburg vrij toegankelijk en in gebruik als luxe restaurant.
In 1998 werd, met financiële hulp van Rotary Voorst, de fiets-/voetgangersbrug gerealiseerd. Naast de bezoekers, die komen voor de traditionele activiteiten als zwemmen, zonnen en vissen, is Bussloo een prima locatie gebleken voor de meer trendy sporten. In de beginjaren was het windsurfen ongekend populair en tegenwoordig is Bussloo zeer in trek bij duikers, naturisten en ruiters. Momenteel is Bussloo 300 ha. groot waarvan meer dan honderd hectare water is en heeft 8 stranden.
Na het verlaten van het recreatieterrein volgden we de Vorsterweg. We staken de Twellose beek over en even later bereikten we de soeppost. Deze was gelegen bij Het Broeckse Hof . De afgelegde afstand bedroeg hier ruim 10 km. Hier was onder andere een startmogelijkheid van het Poelenpad.Het Poelenpad is 4,5 kilometer lang en loopt door het Gietelsche en Appense Veld. De wandelroute start bij het NS-station van Klarenbeek of bij Het Broeckse Hof aan de Vorsterweg 3. Het pad loopt over boerenerven, door weilanden en bosjes en langs akkers, een melkstal en kikkerpoelen. Het poelenpad biedt een combinatie van natuur, cultuurhistorie en recreatie.Na de soep volgden we weer een tijdlang asfaltwegen. WS78 had dan wel een nieuwe startplaats, het was het mooiste weer van de wereld met de hele dag zonneschijn. Maar waar het uiteindelijk omging, het parkoers, dat viel vooralsnog tegen. We zijn bij WS78 niet gewend om zo’n lange tijd over verharde wegen te wandelen. Over asfaltwegen dwaalden we nu verder door het Gietelse- en Appense Veld.Even voor het bord van de bebouwde kom van Klarenbeek sloegen we af. We staken de Groote Wetering over. We passeerden een paar maal een bordje opengesteld van het waterschap Veluwe met de tekst Opengesteld voor wandelaars. Op het meest westelijke punt van de wandelroute staken we het Verloren beekje over.Klarenbeek is een lintdorp met een groot buitengebied. Een dorp in twee gemeenten, een deel ligt in de gemeente Voorst, het andere deel hoort bij de gemeente Apeldoorn. In het Voorster deel van Klarenbeek wonen ongeveer 1500 mensen.Beeldbepalend in het dorp zijn de molen, de kerk en de school. Kenmerkend is ook de afwisseling van open en gesloten ruimten, de doorzichten naar het achtergelegen landschap en de afwisseling van woon- en bedrijfsfuncties; de typische karakteristiek van een lintdorp. Ook Klarenbeek kent een bloeiend verenigingsleven.
In buurtschap Het Woud werd de Beekbergse Beek bereikt. Langs de beek liep een verhard asfaltfietspad. We zagen hier de meeste wandelaars over het verharde fietspad lopen terwijl de pijl aanwees dat we iets verder een graspad moesten volgen. Op een bankje zat een wandelaarster uit te rusten. Ze zei, dat je hier kon kiezen welk pad je wilde nemen. Zij dacht er tijdens haar rust nog over na welk pad zij zou nemen. Voor ons was het geen punt. We waren blij dat we eindelijk de verharde weg eens konden verlaten. We passeerden het bordje van natuurgebied Beekbergerwoud. Aan het eind van het graspad staken we de Beekbergsebeek weer over. Vlakbij Apeldoorn maakt Natuurmonumenten een nieuw natuurgebied. Op de plek waar het nieuwe Beekbergerwoud gestalte krijgt, lag ooit het laatste oerbos van Nederland. Zo’n achtduizend jaar bleef dat bos ongeschonden. Totdat het in 1871 tot de laatste boom werd geveld. Er kwamen weilanden en akkers voor in de plaats. In het oude woud stonden imposante eiken, met klimop begroeide zwarte elzen, essen en beuken. Roerdomp, raaf, wielewaal, ijsvogel en goudvink behoorden tot de vaste kostgangers. Onder de bomen groeiden prachtige planten zoals gele dovenetel, slanke sleutelbloem en witte rapunzel. Op open zompige plekken overheersten boswederik, waterviolier en bronmos. De plantengroei is er zo weelderig als nergens anders in ons geheele land staat in het Aardrijkskundig Woordenboek der Nederlanden uit 1840.
Die sprookjesachtige wildernis brengt Natuurmonumenten nu terug. De omstandigheden voor unieke natuur zijn nog altijd aanwezig. Er welt op een aantal plaatsen kraakhelder, voedselarm water uit de bodem op. En nog steeds is een aantal zeldzame planten uit het voormalige moerasbos aanwezig. Natuurmonumenten maakt hier dankbaar gebruik van. Nu het gras op de weilanden is geploegd, kunnen zaden van oorspronkelijke bomen en planten weer ontkiemen.
Greppels en sloten zijn dichtgegooid, zodat het schone welwater in het gebied blijft staan. Laagtes en heuveltjes worden teruggebracht. Op een aantal bulten zijn al zoete kers, zomereik, haagbeuk en winterlinde geplant. Het nieuwe Beekbergerwoud is een aanwinst voor de Nederlandse natuur. Aardige bijkomstigheid: dit nieuwe natuurgebied wordt weer die onmisbare schakel die de Veluwe als vanouds met de IJsseldelta verbindt. Straks kunnen planten, zoogdieren, vogels, reptielen en amfibieën zich beter over grote afstand verplaatsen.
We bereikten Klarenbeek opnieuw, maar de parkoersarchitect vond de tijd nog niet rijp om de bebouwde kom van Klarenbeek te betreden. We volgden even de provinciale weg N789. Opnieuw volgden we de Beekbergse Beek. Daarbij liepen we door natuurgebied Loenense Hooilanden. Verschillende keren kregen we weer fraaie beelden van de Beekbergse Beek te zien, die daarop ook op de gevoelige plaat werden vastgelegd. Nu verlieten we het bosgebied aan de rand van Klarenbeek en even later werd de grote rust bereikt in de kantine van sportclub Klarenbeek. Het was hier overvol en behoorlijk warm. Maar met 497 deelnemers, een seizoenrecord, is dat ook geen wonder. Wij besloten door te lopen en verderop naar een geschikt plekje uit te kijken.
Bij een bushalte stond een standbeeld van een zittend ouder echtpaar. Daarop werd molen De Hoop bereikt. Hier liep de route naar rechts, maar links zagen we een paar bankjes in de zon staan. Daar besloten we een rust te houden. Hier was een dierenparkje met reeën en geitjes. Toen we onze boterhamzak tevoorschijn haalden, kwam dat geluid de reeën kennelijk bekend voor, want ze kwamen naar ons toegelopen in de hoop dat het brood voor hen zou zijn.
Toen we ons pad vervolgden keken we nog even naar het winkeltje van molen De Hoop. Op internet hadden we hun uitgebreide internetsite bekeken, maar ze verkochten veel te veel om mee te nemen.Buiten Klarenbeek kwamen we langs een grote kerk met kerktoren. Zoiets verwacht je niet buiten het centrum van een plaats. Vlakbij was ook Huize Klarenbeek.De eerste R.K. Kerk van Klarenbeek werd in het jaar 1847 voltooid. De kerk is gebouwd op initiatief van J.R. Krepel en zijn vrouw E. Hagen. Zij woonden op het nabij gelegen huize Klarenbeek. Het was een zogenaamde 'waterstaatskerk', een kerk gebouwd volgens de voorschriften van Rijkswaterstaat. De kerk was gewijd aan Maria ter Hemelopneming. De kerkdiensten werden aanvankelijk verzorgd door de geestelijkheid van Loenen. Klarenbeek werd in 1855 een zelfstandige parochie. In dat jaar is een pastorie gebouwd (een voorganger van de huidige) en een kerkhof aangelegd. De eerste pastoor van de nieuwe parochie was pastoor G.B. Tusveld. Ondanks een uitbreiding in 1909 werd deze kerk te klein. Onder pastoor M.J.G. Gasman werd een nieuwe kerk gebouwd. Het nieuwe kerkgebouw kwam in 1930 gereed. De oude kerk werd aanvankelijk gebruikt als parochiehuis en is in 1971 afgebroken.
Over de Kopermolenweg verlieten we Klarenbeek. Daarbij zagen we nog een grote lange schoorsteen tussen de bomen uitsteken, ten teken dat hier ook een fabriek is of was. Met de telelens maakten we nog een foto van Huize Klarenbeek. We volgden, in omgekeerde route een traject van de Voorsterbeek fietsroute die door de VVV van de gemeente Voorst was uitgezet. In de tuin van de lange Oudhuizerstraat die we nu volgden, stond een oude houten wagen, die nog net niet uit elkaar was gevallen.We werden op deze weg ingehaald door een dame die de voorgaande dinsdag nog bij de crematieplechtigheid van Hans Hoek is geweest. Hans was een enthousiaste wandelaar. Veel wandelaars, die al lang lopen, zullen hem hebben gekend. Na afloop van de crematie van Hans, die getrouwd en 49 jaar oud was, kregen de aanwezigen onder andere een trappist aangereikt, of als ze nog ver moesten rijden, kregen ze een flesje trappist mee. De trappist was van het merk dat Hans altijd dronk. Ook een bijbehorend glas kon meegenomen worden.
We staken de éénsporige spoorlijn Apeldoorn-Deventer voor de tweede keer over en bereikten daarop het bosgebied van het Gietelse- en Appense Veld. Bij Huize Ekebij waren we even de oprijlaan opgelopen om een mooie foto te maken. Toen we het parkoers weer opliepen zei een wandelaar: dag meneer de baron. Want we kwamen van een landgoed afgelopen.
We staken, haast ongemerkt de Veluwsche Bandijk over. Opnieuw staken we de spoorlijn Apeldoorn-Zutphen over en volgden nu een traject van de Veluwsche Bandijk.De Veluwe kennen de meesten als een voor Nederlandse omstandigheden bij uitstek droog gebied. Dat er ook wateroverlast voorkomt, zo zelfs dat in de Middeleeuwen het polderdistrict Veluwe werd gevormd is minder bekend. Het woord bandijk betekent dat deze dijk gebouwd is en onderhouden werd krachtens een ban. In zo'n ban, die van overheidswege uitging, werd geregeld wie welk stuk van de dijk moest onderhouden en wat de boetes waren als men zijn verplichtingen niet nakwam. Kijken we op de topografische kaart, dan zien we een sterk kronkelende Veluwsche bandijk met talrijke kolken met namen die er niet om liegen, zoals het Juffersgat, de Zwarte kolk en de Lazaruskolken. De combinatie van veel kwelwater van de stuwwallen van de Veluwe, hierheen gebracht door talrijke beken, en hoge waterstanden van de IJssel hebben in dit gebied gezorgd voor veel wateroverlast. Iedere keer na een dijkdoorbraak ontstond er een diepe kolk en het gat werd gedicht door een nieuw stuk dijk te leggen met een bocht om de kolk heen. Toen we het bosgebied van het Gietelse- en Appense Veld verlieten staken we voor de vierde en laatste maal de spoorlijn over en over verharde wegen werd daarop de koffiepost bereikt. De afgelegde afstand bedroeg hier 30 km. De koffiepost was trouwens op dezelfde locatie als de soeppost. We hoorden op de koffiepost op een gegeven moment een stem zeggen: “dag meer de fotograaf, hoe gaat het met u”. We voelden ons aangesproken. Maar nog voordat we een reactie konden geven gaf iemand anders een antwoord. Het bleek namelijk dat de vraag niet aan ons was gericht maar aan een andere fotograaf. Dat was de wandelaar die woonachtig is in Den Haag. Het ging deze dag niet zo lekker met hem, want hij had last van zijn heup.
Ook bij de koffiepost hadden we nog een andere fotograaf gezien. Namelijk die uit Eindhoven. En hij is fotograaf van beroep. Hij plaats zijn foto’s op www.oypo.nl. Als je bij de zoekterm Twello of WS78 intikt, dan kom je onder andere op zijn foto’s uit. Van deze tocht heeft hij 263 foto’s geplaatst. Van ons staan hier ook foto’s op, Vandaar deze extra reclame.Van de fotografen die regelmatig foto’s op websites plaatsen, waren deze wandeldag ook wandelaars uit Alkmaar, Barendrecht, Ede en Heerlen aanwezig.
Na de koffiepost liepen we weer naar recreatiegebied Bussloo. Nu liepen we langs de oostkant van het grote meer. Daarbij kwamen we over het naturistenstrand. Vanwege het mooie zonnige weer had zich hier een echtpaar neergevleid. Wel bij een aantal grote paraplu’s om uit de wind te liggen, maar toch best fris met 10 graden Celsius. Het was best een groot strand dat voor deze natuurgenieters was gereserveerd.
Het was op dit traject dat de tussenafstanden van de parkoersbeschrijving niet klopten. Het waren maar een paar regels. Maar toch voldoende om te vermelden. Er was een traject vermeld van 1455 meter dat hooguit 100 meter lang was. Het wordt bijna traditie bij WS78 om de routebeschrijving niet voor 100% te laten kloppen.
Nog voordat we de A1-snelweg overstaken was in buurtschap Posterenk, dat onder Wilp valt, de fruitpost. Deze was gesitueerd in de Wilper- of Lathmerse windkorenmolen. We konden de molen nog beklimmen. Maar na de eerste trede bleken onze spieren te stijf om dit “huzarenstukje” te nemen. De doorgang naar boven was ook aan de smalle kant. De Wilper of Lathmerse windkorenmolen behoort tot de grootste en tevens oudste stellingmolens van Oost-Nederland. Jonker W.H. van Broeckhuizen liet de molen en het naastgelegen muldershuis in 1736 bouwen op een deel van zijn landgoed de Lathmer. De sluitstenen boven beide ingangen memoreren het stichtingsjaar. Het alliantiewapen in de molenromp herinnert aan het huwelijk van de stichter met zijn 'buurmeisje' M.J. van Lynden van de Leeuwenberg. De molen was de opvolger van de oude Wilpse standerdmolen. De Lathmerse molen brandde omstreeks 1760 gedeeltelijk af en werd tussen 1766 en 1769 in zijn tegenwoordige staat herbouwd. In 1821 werd de molen afgesplitst van het landgoed de Lathmer en eigendom van de molenaar en bakker G.J. Belt. Het bintwerk in de molen bevat ingekerfde inscripties van diverse molenaars sinds 1777. Sinds 1985 is de molen eigendom van de Stichting Behoud Wilpermolen, die de molen tevens beheert en exploiteert.Over Landgoed Kleine Noordijk van het Geldersch Landschap werd Twello weer bereikt. Klein Noordijk behoorde tot ongeveer 1850 bij het er tegenover gelegen Noordijk. Dit heette oorspronkelijk Erve Noordinc of Noordick. Toen het meer een landgoed werd ging het Het Noordijk heten. Het komt vaak voor dat bij een landgoed of grote boerderij een tweede huis of boerderij gebouwd wordt, die dan de toevoeging 'Klein' krijgt. Meestal is deze voor een tweede zoon, of om een kind al zelfstandig te laten wonen als de ouders het oorspronkelijke goed nog beheren. Noordijk is gebouwd op een oeverwal van de IJssel. De oeverwallen waren de eerste vestingplaatsen in dit gebied. Op de oeverwal lagen de akkers, vaak in gemeenschappelijk gebruik, langs de randen de boerderijen en in de lagere gronden eromheen de graslanden. De verkaveling was in onregelmatige blokken. Op de laagste punten langs de oeverwallen werden beken gegraven, ter ontwatering van de natte gronden. Ten westen van Het Noordijk is dit de Twellose Beek, ten oosten de Fliert. De beken in dit gebied stromen naar het noorden, evenwijdig aan de IJssel, waarschijnlijk door heel oude beddingen daarvan. In het centrum van Twello kwamen we nog langs een aantal fraaie oude gebouwen. Dat was onder andere aan de H.W. Iordensweg 1. Dit was een heel mooi wit huis en voormalig gemeentehuis. Ook het oude postkantoor uit 1909 mag er wezen. De totale afstand bedroeg 40,190 km.
Zoals al eerder vermeld vielen de vele asfalt trajecten tegen. Wel hadden we door het mooie zonnige weer op de vele open trajecten veel mooie vergezichten. Het IVV nummer was 16885.
Henri Floor & Coos Verburg |
Klik HIER om naar de fotoreportage te gaan.Er zijn 84 foto's geplaatst.
22:03
Gepost door Henri Floor
in Vrije tijd |
Permalink
| Commentaren (0)
| Email dit
| Tags: ws 78, henri, 09022008, twello, ws78 |
Facebook
|
02-02-08
190108 : WS'78
Zaterdag 19 januari 2008
De Alblasser Molentocht
W.S ’78 Dordrecht
De 7de W.S drijft ons vandaag naar Dordrecht. Bij aankomst weer vele bekende gezichten zoals: Willy Timmermans, Rendier, Kees Mol, Corné en Miranda maar ook ons appelgebakje Henk en uiteraard Henri met zijn Co en ook onze Belg, kwam al vroeg binnen gevallen. Het was erg druk aan de start omdat er nog meerdere activiteiten plaatsvonden. Dit was één van de redenen dat de wandelaars al van af half 9 op pad konden. Een andere rede was dat na ongeveer 5 km de wandelaars een stukje werden vervoerd met een waterbus. Wij (rendier, Miranda, Theo, Kees, Corné en ikzelf) gingen om 8.40u op weg. Als 1ste gaan we door een park, daarna door het centrum van Dordrecht. Hier bevinden zich mooie oude gebouwen met een nieuwe (rare) bestemming. Zo zat in een oude kerk nu een sportzaak of wat dacht je van het hoofdbureau van politie waar nu een feestartikelen winkel van gemaakt was. We trotseren diverse bruggetjes, maken de nodige foto’s en komen na zo’n 50 min. bij de waterbus aan. Ze waren net de wandelaars aan het inschepen toen wij arriveerden. Vlak nadat wij de waterbus betraden werd het sein gegeven dat de maximaal toegestane hoeveelheid passagiers was bereikt en gingen we naar de overkant; Papendrecht. Nog even zwaaien op mede wandelaars o.a. Henk Vink. Na een kort tochtje verlaten wij de “bus” en gaan de Merwekade op, met flinke wind tegen! En vandaag is iets gebeurt wat nog nooit is gebeurt we hebben Willy Timmermans ingehaald! Hij was eerder dan ons vertrokken maar zat in dezelfde “bus” en stapte later dan ons uit dus……! We lopen nu een langs het water dan weer door een stukje park. Hier lopen Jan en Henk te babbelen over het pensioen, daar worden wij echt niet vrolijker van heren!!! Bij de soep (vermicelli) komt Patrick bij ons, helaas voor hem vertrekken wij alweer. We lopen nog wat door het woonerf, waar Henri in een bushokje zat?! Even een bammetje eten natuurlijk. Dan gaan we over de A15 heen (viaduct). We komen in het Alblasserbos (pitstop) waar Patrick bij ons komt lopen. Via de polder met een mooi zicht op de bekende molens, gaan we nu stilaan richting kinderdijk waar ook de grote rust is gelegen. Tot deze rust was het een goed te lopen route. Als 1ste gaan we langs de molens. Diverse molens draaiden vandaag ook wat ons eigenlijk wel verbaasde gezien de harde wind. We moeten een graspad op maar het gras kon je niet meer zien door de modder. Ook kregen we te maken met meerdere hekjes waar je over of langs moest. Het was best glibberen en ploeteren, maar zeker de moeite waard! Soms werd je vanzelf vooruit geblazen wat het lopen niet altijd gemakkelijk maakte, omdat je dan het poortje wat je moest openen niet open kreeg. Ook het weer werd slechter en het begon te regenen. Na de koffiepost kregen we nog een flink ploeterpad waar je niet mocht blijven stilstaan anders werd je in de modder vastgezogen. We kregen ook nog te maken met een omleiding. Normaal niet zo erg maar nu moesten we een fietspad langs de N314 volgen waar we de volle wind en regen op ons kregen. Bij de fruitpost kregen we ditmaal een banaan die iedereen goed kon waarderen na zo’n ploeter tocht. Om even voor half 6 klokken wij moe maar voldaan deze tocht af.
