29-06-09
Rondje Texel 2009
| | | | | |
Op zaterdag 20 juni 2009 organiseerde wandelsportvereniging Het Gouden Boltje voor de 39e keer de wandeltocht Rondje om Texel. Een tocht van 60 km over het strand langs de Noordzee en over het fietspad of de dijk langs de Waddenzee. Voor de eilandbewoners en de vaste walbewoners die de vrijdag er voor al op Texel gearriveerd waren, was de start om 6.30 uur. Anders was de start bij aankomst van de eerste boot om even voor 7 uur. Wij waren al op vrijdag gearriveerd. We waren in de ochtend vertrokken en konden daardoor rustig over de weg naar Texel rijden. Nabij Alkmaar reden we onder een viaduct waar over heen wandelaars van de Alkmaarse vierdaagse liepen. Het voorgaande jaar waren we in de middag vertrokken en hadden toen flink wat files gehad. Bij aankomst bij de aanlegsteiger in Den Helder konden we, na betaling van 35 euro, meteen de veerboot oprijden. Dat hadden we nog nooit meegemaakt. Wij hadden dit jaar, evenals het voorgaande jaar, overnachting gevonden in een trekkershut op camping Kogerstrand te De Koog.
Vijf minuten voor half zeven stonden wij als een van de eersten bij het officiële startpunt, een schelpenduinpad waar overheen een wit rood lint gespannen was, op ongeveer 100 meter van de inschrijf-locatie. Van een nabij gelegen parkeerplaats kwamen een 14-tal wandelaars gelopen, gewapend met Nordic Walking stokken en liepen over “ons” pad verder. Toen wij ze even later inhaalden, liepen ze gelukkig niet meer op ons pad, maar over de kam van een hoger gelegen duin.
Nog voordat we vertrokken maakten we een foto. Een dame uit de wandelgroep zei: “o, daar hebben we de fotograaf weer”. Zij herinnerde onze foto’s van het voorgaande jaar en wist ook nog precies onze naam te noemen.Na de start passeerden we, op weg naar de Joost Dourleinkazerne van de Koninklijke Marine, enige malen palen waarop de jaartallen van hoge vloedstanden stonden aangegeven, respectievelijk 1390 en 1740. Ook passeerden we een vierkante steen, een monument ter nagedachtenis aan een vliegtuig, dat in 1944 hier neergestort was. Bij een groen houten huisje stonden talrijke schapen. Vlak voordat wij hiervan een foto wilden maken, kwam een automobilist aangereden en zetten zijn auto zodanig neer, dat wij de auto noodgedwongen ook op de foto moesten zitten. Een schrale troost voor ons was het, dat het de auto van de schaapherder was.
Voor de ingang van de Joost Dourleinkazerne sloegen we af, na een controleknip van de organisatie te hebben gekregen. Wel maakten we eerst nog een foto van de fraaie wapens die bij de ingang van de kazerne hingen en een foto van een aantal boten, die op het terrein van de marinekazerne waren afgemeerd. Eigenlijk mocht dat niet omdat het verboden is om militaire objecten te fotograferen.
Hier verloren we het uitzicht op de Mokbaai om even later plaats te maken voor het strand aan de westzijde van Texel en uitzicht op Den Helder en omgeving. Het strand was aanvankelijk zeer breed. Hier konden we, theoretisch gesproken, wel met alle ca 185 deelnemers naast elkaar lopen. Praktisch gesproken ging dat niet omdat er in twee ploegen werd gestart. Degene die al op het eiland waren startten om half zeven en de overigen om vijf minuten voor zeven. Een paar wandelaars voor ons wezen op een gegeven moment naar de lucht en we zagen een regenboog. Even later begon het in meerdere periodes, te regenen. Omdat het er niet naar uitzag, dat het lang zou regenen, besloten we de regenkleding niet aan te doen. Afgezien daarvan was het met die wind ook niet makkelijk om de regenkleding aan te trekken.Het strand was dit jaar heel goed te belopen. Grote delen van het drooggevallen strand was nog nat, waardoor het strand redelijk hard was. Een gedeelte van het strand was afgezet en een begeleidend bordje gaf aan dat het om rustgebied gebied ging. Om 8.15 werden we door de eerste wandelaar, die met de boot van 6.55 uur was gearriveerd, ingehaald. Het was de wandelaar, die eind mei in Weert meedeed op het internationale weekend, nadat zijn geplande operatie verplaatst was naar een latere datum, zoals dat in het juni nummer van het OLAT-nieuws vermeld was. Nummer 2 was de webmaster van de website van Nederlandse Centurions en nummer 3 was een erelid van SV De lat, degene die steeds voor de verzending van de LAT-nieuwsen zorgt.
Dit jaar hadden we ons GPS apparaat meegenomen, vooral om de totale afstand en de tussenafstanden op te meten. Toen wij op 27 juni 1981 deze tocht voor de eerste keer liepen, bedroeg de officiële opgegeven afstand 65 km. Nu is dat al lange tijd 60 km. De eerste rustpost was in strandpaviljoen Beachcafé “De Buren”. De afgelegde afstand bedroeg hier 18,3 km. Het was inmiddels 9.40 uur. Na een rust van ruim 10 minuten vervolgden we ons pad.
Op 21,1 km passeerden we De Koog. Hier stond Coos op de uitkijk naar mij. Zij had al niet het plan gehad om aan dit Rondje Texel mee te doen. Ze had plannen om een traject van ongeveer 40 km van het Texelpad te lopen. Maar een vervelende val op vrijdag, waarbij haar knieën licht beschadigd waren en een enkel licht verzwikt was, besloot ze deze dag geen tocht van betekenis te lopen. Daarop had ze het plan gemaakt om mij, nabij ons overnachtingadres in De Koog, aan te moedigen. Zo trof ik haar om 10.15 uur.Toen we bij de Slufter aankwamen, dachten we eerst, dat er een ongeluk was gebeurd. Want we zagen een EHBO’er halverwege het aangelegde noodbruggetje. Bij nader inzien bleek dat het bruggetje werd gerepareerd. Op onze vraag of er iemand doorheen gezakt was, werd geen duidelijk antwoord gegeven. We moesten hier dus even wachten voordat we over konden steken totdat de noodreparatie voltooid was. Dat gaf ons de gelegenheid om foto’s te maken. Van de overzijde van de brug kwam een vrouw met een kind op haar arm over de brug aangelopen, maar ze werd door leden van de organisatie teruggestuurd. De afgelegde afstand bij de Slufter bedroeg 26,4 km.
Nu was het nog ruim 6 km alvorens het verste punt van de route werd bereikt. Het was deze dag vrij zonnig weer en lang van te voren zagen we dan ook de vuurtoren liggen. Er liepen hier ook verschillende toeristen, die natuurlijk vrij waren om op elke willekeurig plek het strand te verlaten. Het was dan ook voor ons niet meteen duidelijk waar we het strand moesten verlaten, want de markering van de organisatie viel niet altijd even goed op. Je kon per slot van rekening op een 300 meter breed strand niet overal markeringen plaatsen.Sinds 16 juni 2009 is de vuurtoren open voor publiek. De rode vuurtoren, die in 1864 is gebouwd, is een markant element in het landschap. Staand op een duin van zo'n 20 meter hoog en zelf 35 meter lang, steekt hij overal boven uit. Op de toren, op ongeveer 45 meter boven zeeniveau, hebben bezoekers rondom een prachtig uitzicht over de Wadden- en Noordzee, Texel, Vlieland en bij helder weer zelfs Terschelling.
De toren is pas gebouwd nadat er door enkele Texelaars was gewezen op de gevaren van de Eierlandse gronden. In de Tweede Wereldoorlog werd de toren bestookt door de Duitsers tijdens de opstand van de Georgiërs. Na de oorlog is de toren gerestaureerd. Dit gebeurde door om de oude toren een mantel te bouwen.Op 33,0 km was de tweede rustpost in het Torenrestaurant nabij de vuurtoren. Hier konden we ook over onze tassen beschikken. De volgende dag zouden we de vuurtoren nog beklimmen.
We vervolgden de route en volgden nu zoveel mogelijk langs de oostkant van het eiland, vaak werd ook buitendijks gelopen. We passeerden de afslag naar het veer naar Vlieland. Daarna liepen we langs het plaatsje De Cocksdorp.De Cocksdorp in het noorden is het jongste dorp van Texel. Het dorp ontstond in 1835 bij het haventje, dat zich bevond op de plaats waar de Roggesloot uitmondde in het Eierlandse Gat. Het dorp heette aanvankelijk Nieuwdorp, maar werd al na een paar maanden vernoemd naar N.J. de Cock.
De Cock was een tijdens de Belgische opstand (1830 - 1839) naar Rotterdam uitgeweken Antwerpse reder, die met anderen de 'Sociëteit van Eigendom van Eierland' heeft opgericht. Deze combinatie van ondernemende heren kocht in 1835 van de Staat het kwelderland ten oosten van de Zanddijk tussen het 'oude land' van Texel en het eiland Eijerland. Zij legden met behulp van 1500 arbeiders in de korte tijd van twintig weken een elf kilometer lange dijk aan, waardoor het 'buitenveld', een gedeeltelijk met zoutminnende planten begroeid wadgebied, tegenwoordig bekend als de Eierlandse polder, bedijkt werd.Op 37,4 en op 42,5 km hadden we nog een verzorgingspost. Nabij Oosterend kwamen we nog langs de IJzeren Kaap.
De IJzeren Kaap is een oud baken voor zeevarenden ten oosten van Oosterend. Er bevinden zich mosselpercelen van Zeeuwse vissers. Door de relatieve stilte hier kunt u veel fuut-achtigen en Eiders vinden bij de Kaap. De Geoorde Fuut is de meest algemene soort, met tot ca. 300 exemplaren die er vertoeven in de nazomer. Ook laat de Kuifduiker en de Roodhalsfuut zich er graag zien. In de winter kunt u er soms een IJseend bewonderen.In Oosterend stonden veel auto’s bij de Nederlands Hervormde Kerk geparkeerd. Vermoedelijk werd hier een rouwdienst gehouden.Het meest in het oog springende gebouw van Oosterend is zonder enige twijfel de hervormde kerk van Oosterend. Er is geen ansichtkaart zonder dat zijn toren hoog boven het dorp uitsteekt. Oosterend heeft maar liefst 5 kerken in totaal.
Dit is niet alleen de meest in het oog springende maar ook nog eens de oudste bestaande kerk van het eiland. Deze kerk ligt omgeven door een kerkhof, in het midden van het dorp. Het staat vast dat de kerk in het begin van de twaalfde eeuw al bestond. De toren die wat minder oud is dateert uit de vijftiende eeuw en had oorspronkelijk een hoge spits.
Als Katholieke kerk was de kerk aan de heilige Sint Martinus gewijd. Volgens de overlevering bevatte de kerk eens een groot beeld van den Heilige Sint Nicolaas. Dit beeld werd met de inval van de watergeuzen op het kerkhof verbrand. Daarna ging het gebouw in Protestantse handen over en kreeg het een sober ingetogen interieur. Achter in de kerk staat een houten wand opgesteld met zeer veel 'huistekens'.
De tekens zijn op Runentekens gebaseerd. Ze dateren uit de 17de eeuw en zijn zeldzaam.
Tot de bijzonderheden van de kerk behoren onder ander het pijpwerk van het orgel daterend uit de achttiende eeuw, een houten schot met familietekens en de vloer die gemaakt is van een mozaïek van grafzerken.Af en toe waren er in de dijk trappetjes om de dijk over te lopen. Deze keer liepen we hier meerdere keren naar boven om te zien hoe het land achter de dijk eruit zag. Eén van die keren zagen we de molen van het Noorden liggen.
De molen van het Noorden bevindt zich in een prachtige omgeving midden in het natuurgebied de Bol en is een van de grootste nu nog bestaande molens van Noord-Holland. De molen is een zogenaamde achtkantige bovenkruier en is gebouwd in 1878 om de polder te bemalen. De polder is ontstaan door het bedijken van buitendijks gelegen opgeslibte gronden. In 1913 bleek de molen niet afdoende en werd er een door een oliemotor aangedreven hulpgemaal gebouwd. Hierna schijnt de molen meer en meer buiten bedrijf te zijn geraakt totdat hij rond 1923 definitief werd stilgezet.Op 49,2 km was een binnenrust bij Wind & Kitesurfclub Texel. Het mooie weer had ervoor gezorgd dat verschillende surfers aktief waren, hetgeen een mooi gezicht was.
Als bijzonderheid geldt dat deze molen aan de onderkant van het rietdek een regengoot heeft voor de opvang van zoet regenwater. Op het eiland is het grondwater brak en dus ongeschikt voor gebruik als drinkwater. Het opgevangen water wordt in een voorraadkelder onder de molen opgevangen en vroeger door de bewoners van de molen als drinkwater gebruikt.
Tegenwoordig wordt de molen beheerd door een stichting. Vrijwilligers onderhouden het mechanisme en hebben het woongedeelte weer in oude staat gebracht inclusief de bedsteden. Af en toe wordt de molen weer even in gebruik genomen.Doorkomstplaats Oudeschild is wel het mooiste en afwisselendste dorp tijdens deze wandeltocht. We maakten hier dan ook talloze foto’s van schepen in deze havenplaats.
Het dorp Oudeschild ontstond aan het begin van de 17e eeuw uit een groepje huizen aan het einde van de Schilsloot. De Schilsloot was de vaart, waardoor met kleine bootjes de vaten drinkwater van de waterputten bij 'Brakestein' naar de wachtende schepen op de Rede van Texel vervoerd werden. Dit ijzerhoudende water was goed houdbaar en daarom geliefd bij de reders. Deze waterputten worden de 'Wezenputten' genoemd, omdat zij eigendom waren van het weeshuis in Den Burg, dat uit de verpachting van de waterputten enige inkomsten had.Op de rede van Texel wachtten in die tijd dikwijls tientallen schepen op een gunstige wind om met een loods aan boord zee te kiezen. Het vertrek van de rede van Texel vormde het begin van vele ontdekkings-, oorlogs- en handelsreizen. Tijdens stormen gebeurden er wel eens ongelukken met de voor anker liggende schepen.
Een voorbeeld hiervan is de ramp die gebeurde op Kerstavond 24 december 1593. Tijdens een zware storm sloegen enkele schepen van hun ankers en sleepten daarbij vele andere schepen mee. In totaal gingen in deze nacht bijna 200 schepen ten onder.Eén van de reders die schade ondervond van deze ramp, Roemer Visscher, vernoemde zijn in 1594 geboren dochter naar de ramp. Maria Tesselschade is bekend geworden als toonaangevende persoon in de Muiderkring.
Evenals in Den Hoorn vestigden zich in Oudeschild een groot aantal loodsen. De drukke scheepvaart in 17e en 18e eeuw droeg bij aan een sterke groei van het dorp dat oorspronkelijk 't Schilt heette. Al in de 17e eeuw ontstond nabij Oosterend nog een dorp dat voornamelijk bewoond werd door mensen die bij de scheepvaart betrokken waren. Dit nieuwe dorp noemde men Nieuweschild en het dorp 't Schilt kreeg de naam Oudeschild.Op 52,7 km was hier een laatste binnenrust in een soort opslagloods waar diverse soorten vissersnetten waren opgeslagen. Buiten stonden enige Tuk-tukjes. Bijna aan het eind van Oudeschild stond een pijl naar rechts van de organisatie. Dat was vlak bij een grote rode boei op het land. Wij besloten hier even naar links te gaan en daar buitendijks te lopen. Daardoor kwamen we nog langs een zwart kanon en hoefden we niet een traject met auto’s te lopen.
De laatste verzorgingspost was op 55,7 km. In de finishplaats ’t Horntje was de finishlocatie op een ander plaats als voorgaande jaren. Omdat de oude finishlocatie gerenoveerd werd, moest noodgedwongen uitgeweken worden naar een andere locatie. En dat werd gebouw De Potvis. Hierdoor liepen we door het centrum van ’t Horntje en kwamen zodoende nog langs woonhuizen, iets dat we de voorgaande keren gemist hadden.
Om 18.00 uur finishten we dan. Dat was bijna een uur eerder dan het voorgaande jaar. We kregen door de voorzitster van de wandelorganisatie Het Gouden Boltje herinnering nummer 11 uitgereikt. Het aantal deelnemers was dit jaar 63 lager dan het voorgaande jaar, namelijk 187. Een zeer grote concurrent voor deze tocht was de organisatie van de Alkmaarse vierdaagse. We hoorden een wandelaarster nog zeggen dat ze de eerste twee dagen aan de Alkmaarse vierdaagse had meegedaan.
Het was een goed georganiseerde tocht en we bedanken de organisatie met de talrijke Rode Kruis medewerkers en andere vrijwilligers hartelijk voor deze tocht. In 2010 wordt Rondje Texel op zaterdag 7 augustus georganiseerd, dan voor de 40e keer.
Zoals al eerder gezegd overnachtten we op Texel. Daarop besloten we de daarop volgende zondag de vuurtoren van Texel te beklimmen. We troffen hier ook nog wandelaars, die aan het Rondje Texel hadden meegedaan, onder andere wandelaars uit België en de Brabantse plaats Nuenen.
Henri Floor |
10:19 Gepost door Henri Floor in Vrije tijd | Permalink | Commentaren (0) | Email dit | Tags: t horntje, henri, texel, gouden boltje, noord-holland |
Facebook |
06-11-07
250807 : H & T Texel (Nl)
Zaterdag 25 augustus
W.s.v. “Het Gouden Boltje”
37ste Rondje Texel
Vrijdag 24 augustus zijn we richting het noorden gereden om in Haarlem te overnachten bij opa Theo (van de meij). Maar voor we daar arriveerden moesten we eerst nog wat hindernissen (files A2/A9) nemen. Ook hadden we nog een afspraak om een zieke vriend te bezoeken. Wat we uiteraard niet hebben overgeslagen! Dan maar een beetje minder nachtrust (sorry opa!). Dat wij het vaker ver weg van huis zoeken is vandaag wel weer duidelijk. Om precies te zijn 296,3 km. Het waddeneiland Texel is vandaag ons doel. Om half 7 vertrok de boot vanaf Den Helder. En aangezien wij nog Roland Weyers in alkmaar moesten oppikken en de werkzaamheden op de A9, hadden wij besloten om toch wat vroeger te vertrekken. Met het resultaat dat we bijna 1 uur te vroeg bij de haven aankwamen. (En toch niet de eerste!) Maar ja, beter te vroeg dan de boot missen! Aan boord van de boot was een inschrijfbureau gecreëerd. Hier kreeg je de startkaart en route beschrijving. Want zodra je aan wal ging in Texel was je ook meteen gestart. pijlen waren alleen aanwezig op plekken waar het echt nodig was (?). De mensen die op Texel wonen of daar logeren konden om 6.30u van start. Vanaf de boot ging het meteen linksaf de duinenrand in. Over een schelpenpaadje en trapje naar de geasfalteerde weg. Deze liep rond om een inham, mokbaai, dat bij overvloedig water dienst deed als water opvang bekken. Langs deze weg stonden verschillende oude palen waarop stond aangegeven waar destijds in 1390 en 1740 de vloedlijn was. Ook was er op deze weg een oorlogsmonument. Hier is op 12 september 1944 een gevechtsvliegtuig met 2 jonge mannen (23) neergekomen. Iets verder bij het einde van de mokbaai was de 1ste controle. Hier kun je niet verder i.v.m. de marinebasis. Vanaf hier ging het door de duinen naar het strand. Het 1ste stuk van het strand was erg breed want we zagen niet eens de zee! Hier en daar was het ploeteren daar het zand mul was. Maar na ongeveer een half uur kwamen we bij de vloedlijn en ging het wandelen ook wat soepeler. Op sommige plekjes op het strand zag je “nieuw” duin aangroeien. Opa Theo vond zelfs flessenpost! De inhoud leek wel verdacht veel op onze route beschrijving! Bij paal 17 was onze 1ste rust op 17(!?) km. We weten dat we 30 km strand krijgen maar toch geef je, je ogen de kost. Buiten schelpen zie je O, zo veel andere dingen. Zo zag opa Theo een stukje hout met een klein zeesterretje. Bij nader inzien waren het er zelfs 2!!! En wat dacht je van een heus zandkasteeltje. Na 24 km (paal 25.2?) kwamen we bij de sluftergeul. Hier was een bruggetje overheen gemaakt zodat je geen natte voeten zou krijgen. Niet dat het voor opa Theo of mij (Hennie) uitmaakte want we liepen toch al met onze sandalen door het water. Bij de vuurtoren gingen we het strand af (31 km) wat nog even ploeteren was omdat je weer het brede stuk mul strand moest oversteken. Wij kwamen daar om 13.30u aan. Het bleek dat er 15 van 265 deelnemers waren uit gevallen en hier waren er ook 5 vermist. Volgens het schema moesten we daar weer om 13.45u weg zijn. Maar ja als de km’s klopte zouden wij er ook al veel eerder zijn geweest! Opa Theo , Theo en ik waren de allerlaatste die op deze rust weggingen. N.l. om 14.20u Roland was 10 min. eerder vertrokken. De route vervolgde zijn weg over de grote deltadijk. Bij de volgende post op 36 km (De Cocksdorp gem. Texel) waren we Roland alweer bij en hadden we nog een paar mede wandelaars gepasseerd. Dit stuk route was toch echt wat korter dus er is nog hoop om te veel gelopen km’s in te halen. Nu weer 3 km naar de volgende post. En verrek (!) daar doen we maar liefst 1 dik uur over! Dat is dus echt niet mogelijk aangezien we op asfalt lopen en we normaal toch een gemiddelde van 6 hebben. Na dit besproken te hebben met de organisatie bleek dat iemand met gps 41,9 km op teller had. Dat is al meer in de richting. De volgende post is weer 7 km wat redelijk klopte volgens ons gevoel. We haalde op deze manier langzaam weer wat wandelaars in. Vele waren vermoeid en de discussie over de km’s kwam weer opgang. Niemand had er moeite mee als het langer zou zijn maar meld dat dan even. We kregen als antwoord van iemand van de organisatie “het is 60 km het eiland is toch echt niet groter”. Maar dan moet hij mij maar eens verklaren waarom het rondje eerst 65 km was! Tja want dat hoorde we weer van iemand die al vaker had gelopen. Ondertussen volgden we nog steeds die grote deltadijk. Om dan in Oudeschild (gem. Texel) naar onze 51 km post te gaan. Deze was ergens in de haven. Het was een beetje zoek je plaatje want de pijlen waren niet royaal. Maar toch gevonden maar waar heen dan????? Binnendijks, buitendijks of toch door het dorp. Roland ging buitendijks Theo en ik binnendijks (hè pijltjes) en opa ging dwars door het dorp. We kwamen uiteindelijk op hetzelfde uit n.l. de grote deltadijk! De laatste km’s gingen bijna tot het eind over die dijk (buitendijks). Aan de finish gekomen kregen we onze herinnering en een consumptie munt. Over de hele tocht genomen was de 1ste helft over het strand het leukste en afwisselend. De 2de helft was met 1 woord te noemen SAAI! Bijna 30 km lang links water (stil) met schuin aflopend asfalt dus rechts lopen verplicht. En rechts van je grasdijk met af en toe een schaapje. Voor wij weer de boot terug naar het vaste land hadden zag ik nog Henri Floor en Coos lopen ook zij hadden mee gedaan. Nee dit is voor ons niet voor herhaling vatbaar dan hebben we toch al een mooier rondje eiland (Ameland) gehad. Maar ook deze tocht was niet voor niets geweest we zijn weer een ervaring en een speldje rijker. En opa Theo heeft bewezen dat hij nog goed 60 km kan wandelen. Petje af !!!




Op zaterdag 20 juni 2009 organiseerde wandelsportvereniging Het Gouden Boltje voor de 39e keer de wandeltocht Rondje om Texel. Een tocht van 60 km over het strand langs de Noordzee en over het fietspad of de dijk langs de Waddenzee. Voor de eilandbewoners en de vaste walbewoners die de vrijdag er voor al op Texel gearriveerd waren, was de start om 6.30 uur. Anders was de start bij aankomst van de eerste boot om even voor 7 uur. Wij waren al op vrijdag gearriveerd. We waren in de ochtend vertrokken en konden daardoor rustig over de weg naar Texel rijden. Nabij Alkmaar reden we onder een viaduct waar over heen wandelaars van de Alkmaarse vierdaagse liepen. Het voorgaande jaar waren we in de middag vertrokken en hadden toen flink wat files gehad. Bij aankomst bij de aanlegsteiger in Den Helder konden we, na betaling van 35 euro, meteen de veerboot oprijden. Dat hadden we nog nooit meegemaakt. Wij hadden dit jaar, evenals het voorgaande jaar, overnachting gevonden in een trekkershut op camping Kogerstrand te De Koog.
Na de start passeerden we, op weg naar de Joost Dourleinkazerne van de Koninklijke Marine, enige malen palen waarop de jaartallen van hoge vloedstanden stonden aangegeven, respectievelijk 1390 en 1740. Ook passeerden we een vierkante steen, een monument ter nagedachtenis aan een vliegtuig, dat in 1944 hier neergestort was. Bij een groen houten huisje stonden talrijke schapen. Vlak voordat wij hiervan een foto wilden maken, kwam een automobilist aangereden en zetten zijn auto zodanig neer, dat wij de auto noodgedwongen ook op de foto moesten zitten. Een schrale troost voor ons was het, dat het de auto van de schaapherder was.
Het strand was dit jaar heel goed te belopen. Grote delen van het drooggevallen strand was nog nat, waardoor het strand redelijk hard was. Een gedeelte van het strand was afgezet en een begeleidend bordje gaf aan dat het om rustgebied gebied ging. Om 8.15 werden we door de eerste wandelaar, die met de boot van 6.55 uur was gearriveerd, ingehaald. Het was de wandelaar, die eind mei in Weert meedeed op het internationale weekend, nadat zijn geplande operatie verplaatst was naar een latere datum, zoals dat in het juni nummer van het OLAT-nieuws vermeld was. Nummer 2 was de webmaster van de website van Nederlandse Centurions en nummer 3 was een erelid van SV De lat, degene die steeds voor de verzending van de LAT-nieuwsen zorgt.
Toen we bij de Slufter aankwamen, dachten we eerst, dat er een ongeluk was gebeurd. Want we zagen een EHBO’er halverwege het aangelegde noodbruggetje. Bij nader inzien bleek dat het bruggetje werd gerepareerd. Op onze vraag of er iemand doorheen gezakt was, werd geen duidelijk antwoord gegeven. We moesten hier dus even wachten voordat we over konden steken totdat de noodreparatie voltooid was. Dat gaf ons de gelegenheid om foto’s te maken. Van de overzijde van de brug kwam een vrouw met een kind op haar arm over de brug aangelopen, maar ze werd door leden van de organisatie teruggestuurd. De afgelegde afstand bij de Slufter bedroeg 26,4 km.
Op 33,0 km was de tweede rustpost in het Torenrestaurant nabij de vuurtoren. Hier konden we ook over onze tassen beschikken. De volgende dag zouden we de vuurtoren nog beklimmen.
Op 37,4 en op 42,5 km hadden we nog een verzorgingspost. Nabij Oosterend kwamen we nog langs de IJzeren Kaap.
Af en toe waren er in de dijk trappetjes om de dijk over te lopen. Deze keer liepen we hier meerdere keren naar boven om te zien hoe het land achter de dijk eruit zag. Eén van die keren zagen we de molen van het Noorden liggen.
Doorkomstplaats Oudeschild is wel het mooiste en afwisselendste dorp tijdens deze wandeltocht. We maakten hier dan ook talloze foto’s van schepen in deze havenplaats.
Op 52,7 km was hier een laatste binnenrust in een soort opslagloods waar diverse soorten vissersnetten waren opgeslagen. Buiten stonden enige Tuk-tukjes. Bijna aan het eind van Oudeschild stond een pijl naar rechts van de organisatie. Dat was vlak bij een grote rode boei op het land. Wij besloten hier even naar links te gaan en daar buitendijks te lopen. Daardoor kwamen we nog langs een zwart kanon en hoefden we niet een traject met auto’s te lopen.